Boekgegevens
Titel: Driemaal den aardbol om!: aardrijkskunde voor de volksschool in drie ineensluitende leerkringen
Auteur: Bruins, F.
Uitgave: Groningen: Noordhoff & Smit, 1882
9e, herz. dr
Opmerking: II
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2491
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200397
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Driemaal den aardbol om!: aardrijkskunde voor de volksschool in drie ineensluitende leerkringen
Vorige scan Volgende scanScanned page
13
§ 4. Bevolking. De Engeischen, van Germaanschen
stam, zijn bedaard, beleidvol en vindingrijk, stout en
volhardend in hunne wel eens i-eusachtige ondernemingen,
vol liefde tot hun vaderland en trotsch op hunne voor-
rechten, daardoor echter ook hoogmoedig en vooringeno-
men tegen al wat uit den vreemde komt. —■ Moedig en
behendig is de Schot, daarbij zeer trotsch op zijn verle-
den. Eens waren de vermetele Bergschotten onder hunne
stamhoofden de schrik der Engelschen. —■
De Ieren, oorspronkelijk zeer begaafd, zijn onder den
druk der armoede in vele opzichten vervallen; altijd ech-
ter nog vroolijk en luchthartig, spotziek en vechtgraag,
maar al te vaak dronken en baldadig.
De beschaving der lagere klassen laat veel te wenschen over.
De sedert 1872 velerwege ingevoerde algemeene leerplicht zal het
begin tot verbetering kunnen zijn.
§ 5. Veeteelt, Land- en Berghouw. In de vlakten en heuvel-
landen zijn landbouw (tarwe!) en veeteelt (zwaar slachtvee 1) hoofd-
takken van bestaan. Allerlei hulpmiddelen staan den Engelschen
landbouw ten dienste; allerlei verbeteringen (draioeering, uitmuntende
landbouwwerktuigen 1) zijn op den landbouw toegepast. De veeteelt
heeft zich vooral de veredeling der huisdieren ten doel gesteld
(tentoonstellingen, stamboeken vaa paarden en rundveeI).
Ofschoon de Engelsche landbouw en veeteelt aan die van alle
andere landen in Europa ten voorbeeld kunnen strekken, voorzien
zij toch op verre na niet in de behoeften des lands.
De beaoodigde tarwe wordt voor '/3 deel uit het buitenland, hoofdzakelijk
uit N.-Amerika, Busland en N.-Duitschland, ingevoerd. De waarde der jaar-
lijks ingevoerde tarwe staat bijna gelijk met de waarde van dea geheelen
invoerhandel van Nederland (ongeveer 50 millioen p. st. 1). Het Engelsche
volbloed-paard, van gemengd Arabisch ras, houdt men voor het edelste ras ia
Europa; het Engelsche werkpaard, een afstammeling van het Zeeuwsch-Vlaamsche
ras, wordt gehouden voor het sterkste. De Engelsche schapen munten uit door
lange, glanzige wol; ia de ontzaglijke behoefte aau groadstof der Engelsche
laken- en andere wolfabrieken moet echter het buitenland, vooral Australië,
wel voor deelen voorzien. Het Engelsche ruudvee munt vooral door zwaarte
uit. In „Engelsch Holland", d. i. de vruchtbare polders om de Washbaai