Boekgegevens
Titel: Driemaal den aardbol om!: aardrijkskunde voor de volksschool in drie ineensluitende leerkringen
Auteur: Bruins, F.
Uitgave: Groningen: P. Noordhoff & M. Smit, 1878
6e, herz. dr
Opmerking: II
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2489
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200395
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Driemaal den aardbol om!: aardrijkskunde voor de volksschool in drie ineensluitende leerkringen
Vorige scan Volgende scanScanned page
andere zijde. Verder noordwaarts ligt ten W. van het
tafel land en van het Rotsgebergte een zeer uitgestrekt
bergland, dat niet steile kustgebergten in den Grooten
Oceaan valt. Geheel anders ziet het er uit aan den
oostkant van het Rotsgebergte en van het noordelijk
deel van het tafelland. liier breidt zich eene onine-
lijke vlakte uit, die bijna onafgebroken doorloopt van de
Golf van Méjico tot de N. IJszee. Deze onmetelijke
vlakte bestaat vooreerst uit het reusachtige Mississippi-
dal met zijne eindelooze s a v a n n a h s of prairiën
(= grassteppen); vervolgens uit een ontzaglijk uitgestrekt
meren-plateau, met de vijf groote Canadasche meren:
het Ro ven-Meer, Michigan {ndt-sji-geri), IJiiron (Joe-rm),
Erie (m-i) en Oiitario {on-feer-ió), trapsgewijze boven
elkander gelegen en door hunne uitwateringen met elk-
ander verbonden.
T)e stroomverbinding tusssrhen het Erie- en Ontario-meer vormt
den beroemden Niagara-waterval. Eene 1200 M. breede water-
massa , door een rotseiland in 't midden in twee armen verdeeld,
valt in een' 50 M. diepen afgrond, waarboven 60 M. hoog eene
spoorwegbrug hangt. Niagara beteekent: donder der wateren.
L)e Amerikaansche savannahs of prairiën zijn geheel verschillend
van de Aziatische en Afrikaansche woestijDen. De overal vrucht-
bare grond is bij voldoende besproeiing met een dik grastapyt
bedekt. In de lente eene bloemenzee, wordt de grassteppe in
den zomer tot een dicht woud van halmen. Prairiebranden,
dikwijls opzettelijk ontstoken, hehooren tot de ontzettend-prachtige
natu urverschü nselen.
Ten N. van het groote merenplateau ligt weder eene
reusachtige laagvlakte, welke de diep in 't vastland
dringende Iludsonsbaai omringt en met talrijke meren
bezaaid is. De grootste waterbekkens zijn hier het meer
Winipeg, het groote Slavenmeer en het groote Berenmeer.