Boekgegevens
Titel: De uitspraak van het Engelsch met leesoefeningen: benevens vertaaloefeningen, behoorende bij "De hoofdzaken der Engelsche grammatica"
Auteur: Bruggencate, K. ten
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1896
4e, herz. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2421
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200387
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Uitspraak (taalkunde), Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De uitspraak van het Engelsch met leesoefeningen: benevens vertaaloefeningen, behoorende bij "De hoofdzaken der Engelsche grammatica"
Vorige scan Volgende scanScanned page
mm

121
er behalve hem nog iemand in de kamer ? Neen ; maar ik was
toch blij, dat hij kwam; zonder hem was ik nooit klaar ge-
komen; zonder u kan ik (het) heel goed stellen (= doen).
9. Daar wij geen geld genoeg hadden, leende hij ons meer,
dan wij toen behoefden. Wij gaven hem de geleende som
eerst veertien dagen later terug, maar hij zei: Heb ik van
m'n leven! Wat zijt gij vroeg! Onder vrienden is zooveel
haast niet noodig.
hulpbronnen resOVIrces; strijd struggle; ondergaan to suffer; snellen
to hurry; gedaante shape; komen to get; geleend borrowed.
59.
(Werkw. § 5. 1 en 2).
1. Om de vrucht te genieten, moet men ze niet plukken
vóór zij rijp is; dwaas zijn zij, die bij (het) plukken de takken
afbreken, want zij zullen het volgende jaar een groot gedeelte
van den oogst missen. 2. Het lezen van goede en nuttige
boeken is een genot en een plicht terzelfder tijd, want de groote
voortbrengselen van beroemde mannen te bestudeeren, en de
voortreffelijke beginselen, die in hunne werken vervat zijn, toe
te passen, zal ons beter en gelukkiger maken. 3. Het maken
van alle soorten van dingen door middel van werktuigen, die
door stoom gedreven worden, is zoo [veel] toegenomen in den
laatsten tijd, dat de stoom een der machtigste mededingers
dreigt te worden voor den armen werkman, die noch zoo
geregeld, noch zoo goedkoop kan werken. 4. De wandelstok
stond in een hoek van de eetzaal; de heeren hadden zich allen
naar de rookkamer begeven, terwijl de dames in den salon
zaten; de gastvrouw zette thee, en de oudste dochter des
huizes had de visschen in de bak/ian. 5. Vele zangvogels
vergeten te zingen, zoodra zij opgesloten zijn in een kooitje;