Boekgegevens
Titel: De uitspraak van het Engelsch met leesoefeningen: benevens vertaaloefeningen, behoorende bij "De hoofdzaken der Engelsche grammatica"
Auteur: Bruggencate, K. ten
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1896
4e, herz. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2421
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200387
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Uitspraak (taalkunde), Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De uitspraak van het Engelsch met leesoefeningen: benevens vertaaloefeningen, behoorende bij "De hoofdzaken der Engelsche grammatica"
Vorige scan Volgende scanScanned page
109
44.
(Subst. pag. 11. 3—einde).
1. Eerst bewonderden mijne zuster en mijn neef de St. Pau-
luskerk ; daarna (= na dit) gingen zij samen naar Tattersall,
■om eenige schoone paarden te zien; om twaalf uur gebruikten
zij lunch bij mijne tante; in den namiddag reden zij naar het
paleis van St. James, waar zij eenige uren doorbrachten, terwijl
zij des avonds het Prins van Wales Theater bezochten, waar
zij „Onze .Jongens" zagen, een stuk van H. J. Byron. 2. Ik
wou, dat ik een portret had van mijn overleden vriend. Hij was
mij zeer dierbaar; menig [een] glas wijn hebben wij samen
gedronken; in(der)daad, gedurende de laatste jaren zijns levens
waren wij dikwijls samen; ik zal nooit de aangename dagen
vergeten, die wij in de maand Juli op het eiland Wight heb-
ben doorgebracht. 3. Kaap Finisterre ligt in het koninkrijk
Spanje; het meer Onega zult gij in het keizerrijk Rusland vinden;
de rivier de Rhone, na eerst door het meer van Genève ge-
stroomd te hebben, zet haren loop voort in het zuiden van
Frankrijk. 4. Toen de geestelijke vroeg, of de zuigeling met
den naam Frederik moest worden gedoopt, werd zijne vraag
niet beantwoord; de gelukkige vader had niet op de vraag
gelet; toen werd hem door de getuigen te verstaan gegeven,
dat naar zulk eene vraag in de eerste plaats moest worden
geluisterd. 5. Zet uw hoed af, en zet hem op de piano-, trek
je pantoffels en je kamerjapon aan, en doe, alsof je thuis
waart. 6. Nauwelijks had hij zijn geld ontvangen, of hij begon
mij uit te schelden; ik zag geen agent; ook was er geen in
de buurt; had ik geweten, dat hij zóó zou te keer gaan,
dan had ik hem niet in de kamer toegelaten.
(laad fact; zuigeling fcfltfti/; doopsn to christen; letten op to pay attention
to; pantoffel slipper; kamerjapon dressing-gown'^) uitschelden toabVise;
te keer gaan to take on; zoo in that way.
1) Het in ons land gebruikelijke chambercloak is geen Engelsch;
daarentegen komt chamber-robe wel eens voor.