Boekgegevens
Titel: Meetkundig rekenboek: overeenkomstig de behoeften van onzen tijd; voor scholen en ter bevordering der nijverheid
Auteur: Brug, Steffen Lambert
Uitgave: Gorinchem: J. Noorduyn en zoon, 1864
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2396
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200381
Onderwerp: Wiskunde: meetkunde: algemeen
Trefwoord: Meetkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Meetkundig rekenboek: overeenkomstig de behoeften van onzen tijd; voor scholen en ter bevordering der nijverheid
Vorige scan Volgende scanScanned page
40
26. Van eenen sector is de boog 8 el, en de inhoud
56 el, hoe lang is dus de diameter van dien cirkel ?
27. Wat is de inhoud eens cirkelsectors, waarvan de
straal 10 en de boog 15 palm lang is?
28. Zoo de boog van een' sector 45° is, en de diameter
de» cirkels 14 palm, wat is dan de inhoud van dezen sector?
29. Van eenen sector is de boog 60", de straal 14, en
dus ook de koorde van het segment 14 palm. Hoe groot
is het segment, — hoe groot de sector, en wat de inhoud
des driehoeks daarvan ?
30. Twee koorden snijden elkander zoodanig, dat de eene
verdeeld is in 4 en 9 palm. Indien het eene deel der andere
3 palm is, hoe lang zal dan het andere deel daarvan zijn?
31. De snijlijn van eenen cirkel tot aan het middelpunt
is 25 , en de raaklijn, uit hetzelfde punt als de snijlijn ge-
trokken, tot aan het raakpunt, 20 palm; hoe lang is dus
■ de diameter van dien cirkel ?
32. Zoo die raaklijn 36 en de diameter 96 duim was;
hoe lang zou dan deze snijlijn zijn?
33. Een bal hangt aan een touw van 10 palm lang.
Hoe ver moet deze uit den loodregten stand geslingerd
worden, om 2 palm hoogér te zijn?
34. Indien de slinger van een uurwerk telkens 8 duim
buiten den loodregten stand wijkt, en daardoor 3 duim rijst;
hoe lang is dan de staaf waaraan hij hangt?
35. Van twee snijlijnen, uiteen punt buiten den cirkel
tot aan den omtrek aan de tegenoverstaande zijde getrokken,
zijn de deelen der eene 12 en 8 duim; zoo het eene deel
der andere 6 duim is, hoe lang is dan het andere deel?
36. Men heeft in eenen cirkel het grootst mogelijke
vierkant beschreven; zoo de diameter 24 palm is, — hoe
lang zijn dan de zijden van dit kwadraat?