Boekgegevens
Titel: De natuur: aanvankelijk leesboek voor de lagere school
Auteur: Brug, Steffen Lambert
Uitgave: Harlingen: S. Houtsma, 1861
7e dr; 1e dr.: 1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2393
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200378
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De natuur: aanvankelijk leesboek voor de lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
24
is het niet als de zon opkomt en ondergaat. Het
wordt dan langzamerhand licht en donker. Dit
noemen wij de schemering. Deze ontstaat door
het buigen van het lichi in onzen dampkring.
Daardoor zien wij het licht reeds vóór en ook na
den op- en ondergang der zon.
Het licht straalt anders altijd regtuit; maar het
kan ook gebogen worden, zoo als men ziet, wan-
neer een stok schuins in het water staat. Die stók
schijnt dan gebroken te zijn. Dat buigen der licht-
stralen heeft plaats, als zij schuins van het eene
in het andere doorschijnend ligchaam yallen, of
daar door henen, zoo als lucht, water, glas, enz.
32.
Brillen, verrekijkeps en
verg-ffooig-lazen.
Omdat de lichtstralen zoo kunnen gebogen wor-
den, heeft men ronde glasschijven van verschillen-
de soort en gedaante gemaakt, om te dienen voor
brillen, brandglazen, vergrootglazen, verrekijkers,
enz. Daardoor schijnen de voorwerpen grooter
en naderbij, of kleiner en verder van ons, naar
mate men dit verkiest voor zwakke oogen, bij-
zienden en tot andere oogmerken.