Boekgegevens
Titel: Het schriftelijk rekenen in verband met het mondeling rekenonderwijs in de lagere school
Deel: Derde stukje getallen van 1-1000
Auteur: Bruin, D. de
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1888
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200359
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het schriftelijk rekenen in verband met het mondeling rekenonderwijs in de lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
73
654 : 3 - 218 852
6 6
5 25
3 24
24 12
24 12
0. 0.
3 = 284
Van hoeveel honderden, tienen en eenen kan men ge-
makkelijk het derde deel nemen? Denk daaraan!
Eeken ook zoo eens uit het derde deel van:
621, 654, 315, 342, 912, 951, 642, 672, 315, 645.
Bereken nu op dezelfde manier het derde deel van:
462, 501, 735, 828, 567, 441, 888, 771, 522, 876.
864 = 8 honderden + 4 tienen + eenen.
632 = 4 honderden + 20 tienen + eenen.
Als men het vierde deel van 864 moet nemen, kan men eeist
het vierde deel nemen van hondei'den, dan van tienen, dan
van eenen.
Als men het viei'de deel van 63'2 moet nemen, kan men eerst
het vierde deel nemen van honderden, dan van tienen, dan
van eenen.
864
8
6
4
24
24
0.
4 = 216
632
4
23
20_
32
32
O,
4 = 158