Boekgegevens
Titel: Het schriftelijk rekenen in verband met het mondeling rekenonderwijs in de lagere school
Deel: Derde stukje getallen van 1-1000
Auteur: Bruin, D. de
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1888
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200359
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het schriftelijk rekenen in verband met het mondeling rekenonderwijs in de lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
56
•104 — 8 = 100 — II 907 — 9 = 900 -
502 — 7 = 500 — 705 — 8 = 700 -
807 — 8 = 605 — 7 = 406 ■ — 8 = 304 i' — 9 =
704 — 5 = 502 — 8 = Ü 702 - -6=1' §03 — 7 =
Willem had 814 cent, Klaas had 9 cent minder dan
Willem, Jan had 7 cent minder dan Klaas. Jan had
dus cent.
Tel van 1000 met 6 af tot 4.
Tel van 1000 met 8 af tot 0.
2 gulden + 2 dubbeltjes 1 + 1 stuiver = cent.
4 gulden + 7 stuiver + 3 cent = cent.
8 gulden ■r 9 stuiver 4- 8 cent = cent.
0 gulden + 3 kwartjes + 9 cent = cent.
8 gulden + 1 halve gulden — 3 cent cent.
5 gulden + 2 dubbeltjes — ! cent = cent.
4 gulden + 9 stuiver — 6 cent = cent.
7 gulden + 1 kwartje — 8 cent cent.
9 gulden + 3 kwartjes 7 cent = cent.