Boekgegevens
Titel: Derde rekenboekje: verzameling van voorstellen, ter toepassing van de leer der gewone breuken
Auteur: Boeser, A.L.
Uitgave: Amsterdam: A. Hoogenboom, 1859
3e dr; 1e dr.: 1855
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1965
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200342
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Derde rekenboekje: verzameling van voorstellen, ter toepassing van de leer der gewone breuken
Vorige scan Volgende scanScanned page
21
10. Van een sluk laken heeft het ^/n gedeelte en 8 el
de lengte van 301/2 el; hoe lang is het geheele stuk.
11. Van een balk wordt het S/ig gedeelte en 2 I/2 cl
afgezaagd; waarna er nog 5 3/4 el overblijft; hoe lang is
die balk?
12. Een mantel, waaraan men 6 el laken gebruikt heeft,
dat 2 1/8 el breed is, moet gevoerd worden met flanel, dat
3/4 el breed is; hoe veel el is daartoe noodig?
13. Twee stukken land zijn even groot, doch verschil-
len in vorm. Het eene is 80 I/2 roede lang bij 121/2 roede
breed; terwijl het andere maar 8 I/3 roede breed is; hoe
lang is dus dit laatste ?
14. Zoo men voor 7/8 ® ƒ2,80 betaalt: hoe veel zal
men dan naar dien prijs moeten geven voor 1 3/8 'ffi ?
15. Vijf burgers koopen eene koe voor ƒ 168. A. be-
taalt daaraan het 1/8, B. het S/ie, C. het 5/24, terwijl D.
en E. ieder evenveel van de rest betalen. Hoe veel guldens
bedraagt ieders aandeel?
16. Als zij berekenen, dat het vleesch hun 9/25 gulden
het ffi kost: hoe veel ffi zal C. dan meer bekomen dan A. ?
17. Een theekooper heeft eene partij thee, die hem
1 5/8 gulden het ® kost. Door daling in dat artikel is hij
genoodzaakt ze te verkoopen tegen f 1 I/2 het waardoor
hij f 125 verliest. Bereken hieruit, hoe groot die partij was?
18. Iemand heeft een stuk linnen, dat 52 1/2 el lang
is, gekochf tegen 621/2 cent de el. Kort daarna verkoopt
hij het tegen 8/4 gulden de el, doch verliest 21/2 cl in dc
maat; hoe veel bedraagt nu zijne winst?
19. Een timmermansjongen moet een stuk hout, dat
3 '/s el lang, 3/4 el breed en 5/8 el dik is, glad- schaven,
dc einden des balks uitgezonderd; hoe veel □ el zal de jon-
gen nu moeten schaverr'?