Boekgegevens
Titel: Nieuw rekenboek voor de lagere scholen
Deel: Tweede stukje
Auteur: Boeser, A.L.
Uitgave: Amsterdam: A. Hoogenboom, 1876
13e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1937
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200328
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw rekenboek voor de lagere scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
31
167. Een kantoorbediende, die 87,5 gl. per maand verdient,
had in zeker jaar 115 gl. van zijn inkomen overgehou-
den , terwijl hij aan kleeding, uitspanning en andere
kleine uitgaven 28 5 gl. had besteed. Wilt gij eens
uitrekenen, hoeveel hij daarenboven per week ver-
teerd had?
168. Een korenkooper heeft voor 12 last 18,75 mud koren
3219,375 gl. betaald. Kunt gij zeggen, tegen hoe-
veel dan 't last gerekend is?
169. Hoeveel is de waarde van:
/9,08 + 2,004 — 7,998\
X 0,5 : 0,008?
0,25
170. A. geeft van zijn geld driemaal 't vierde deel
van 25 rijksdaalders uit, en later nog 2,4 maal
zooveel. Als hij nu nog vijfmaal zooveel overhoudt
als hij heeft uitgegeven, hoeveel gulden heeft hy
dan gehad ?
171. Een koopman in schrijfbehoeften had in zeker jaar
130 gros stalen pennen verkocht, de helft er van
tegen 6 voor een stuiver en de overige tegen 0,75
cent 't stuk. Hoeveel heeft hij op die pennen ge-
wonnen, als zij hem 55 cents 't gros kostten?
172. Eene vrouw kocht 12 M. 7 d.M. 5 c.M, baai,
42,5 M, linnen en 48 M. katoen. De baai be-
taalde zij tegen 3,40 gl. en 't linnen tegen 15
stuivers den M. Seken eens uit, van welken prijs
de M, katoen was, als zy in 't geheel 95,625 gl.
besteedde.
173. Hoeveel is de waarde van 20 vat 7,5 kan olie, be-
rekend naar 5,5 cent 't maatje?
174. H, verdient wekelijks 38,75 gl. Hij verteert er maar