Boekgegevens
Titel: Nieuw rekenboek voor de lagere scholen
Deel: Vierde stukje
Auteur: Boeser, A.L.
Uitgave: Amsterdam: A. Hoogenboom, 1873
7e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1934
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200327
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw rekenboek voor de lagere scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
29
1^4 K.G. thee hem lO^g gulden kost, en de prijs
der koffie 1,30 gl. de K.G. is.
284. Van eene partij koren wordt aan vijf menschen ieder
een gedeelte verkocht. Aan A. een derde van de
partij; aan B. de helft van A, en zoo aan de drie
overige ieder de helft van 't geen de voorgaande
kocht. Hoe groot is die partij, als er nog 136
hektoliter overblijft?
285. Iemand koopt in een' winkel 3'/.2 meter of M. laken
tegen 5^/4 gl- den meter ; half zooveel a 5'/^ gl. en
van de laatste hoeveelheid a 4^4 gl. den meter. Hoe-
veel moet hij in 't geheel betalen?
286. Iemand koopt in den herfst turf a gulden de
duizend. Hij gebruikt er zelf 2000 van en de rest
verkoopt hij tegen 6'/4 gl. de duizend. Indien hij Jiu
nog 17,50 gl. meer ontvangt dan hij uitgegeven heeft,
vraagt men, hoeveel turven hij gekocht heeft,
287. Hoeveel is 't ('/g + Vg) gedeelte van 3840 meer
dan 't (Vg X V5) gedeelte er van?
288. Van eene partij olie werd eerst '/s gedeelte en
daarna 't vierde gedeelte verkocht. Later verkocht
men nog 't ^/g gedeelte van de rest; waarna men
nog 4*®/2o hektoliter of ILL. overhield. Uit hoeveel
H.L. bestond die partij ?
289. Voor 't ^le gedeelte van eene som geld heeft men
6^/8 last koren gekocht van lO'/g gulden den hek-
toliter. Hoe groot is de geheele som ?
290. Twee menschen moeten eene som geld deelen. De
eene krijgt er 17072 gulden van, en de andere
zoo menigmaal drie stuivers meer als de eerste gul-
dens ontvangt. Hoe groot is de geheele som?