Boekgegevens
Titel: Nieuw rekenboek voor de lagere scholen
Deel: Vierde stukje
Auteur: Boeser, A.L.
Uitgave: Amsterdam: A. Hoogenboom, 1873
7e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1934
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200327
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw rekenboek voor de lagere scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
TOEGIFT.
276. Hoeveel geld heeft iemand in zijn' zak, als gij weet,
dat hij nog S'/g X V4 = V32 gilden zou moeten
hebben, om er 7^/4 rijksdaalder in te hebben?
277. Hoeveel cents is 't verschil tusschen '/g gulden en
4Va : 7i6 stuiver?
278. Willem zegt: als ik nog 4'/^ maal zooveel centen
had als ik er nu heb, dan zou ik er 420 bezitten.
Hoeveel centen heeft Willem ?
279. Wanneer men zekere breuk met Yj vermenigvuldigt,
van dat product aftrekt, die rest deelt door ®/g
en bij 't komende quotiënt optelt, verkrijgt
men I^/jq tot som. Welke is de bedoelde breuk?
280. Vier jongens deelen eenige knikkers. A. krijgt er 45 ;
B, 2% maal zooveel; C, krijgt maal zooveel als
B., terwijl 't aandeel van D. gelijk staat met 't -j^
gedeelte van 't aantal, dat A. en C. zamen krijgen.
Hoeveel knikkers hadden die jongens te verdeelen?
281. Een leerling moet van 42^/^ 't ^/g gedeelte zoeken;
hij werkt verkeerd en deelt in plaats van te ver-
menigvuldigen. Hoeveel heeft hij daardoor te veel
in zijn antwoord verkregen ?
282. Iemand heeft voor 2V2 K.G. boter 3®/g gulden be-
taald. Hoeveel heeft hij naar denzelfden prijs moe-
ten betalen voor 253/^ K.G.?
283. Een koopman heeft 750 K.G. koffie en 212V2 K.G.
thee gekocht. Eeken eens uit, hoeveel hij daarvoor heeft
moeten betalen, ale gij weet, dat 4V2 K.G. koffie en