Boekgegevens
Titel: De werelddeelen: aardrijkskunde voor de lagere school
Auteur: Boeser, J.C.; Neck, D.C. van
Uitgave: Arnhem: J. Voltelen, 1886
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1880
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200301
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De werelddeelen: aardrijkskunde voor de lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
51
de M e n a m eu de I r a w a d d i. Hoewel het land
vooral in het noorden nog weinig bekend is, kan men
toch vrij zeker aannemen, dat het even rijk en vrucht-
baar is als Voor-Indië.
De bevolking, door despoten geregeerd, staat nog
O]) geen hoogen trap van beschaving.
Achter-Indië bestaat gedeeltelijk uit de onafhanke-
lijke staten Siam en Anam; verder hebben deEngelschen
Birma en byna de geheele westkust in bezit, terwijl
de Franschen zich in het oosten aan den mond van de
Mekong hebben gevestigd.
In het Engelsche gedeelte liggen de steden: Man-
dalai; Akyab en Rangoen, beide uitvoerhavens
voor rijst, en Singapore, de eerste handelsplaats
uit zuidoostelijk Azië.
In Siam het groote handeldrijvende Bangkok.
In Anam de stad H u é en in 't Fransche gedeelte
S a i g O e n.
De Oost-Indische archipel. Deze archipel, de grootste
der aarde, bestaat uit een groot getal groote en klei-
nere eilanden, die byna alle zeer bergachtig en van
vulkanischen aard zijn. Men vindt er zeer veel (meer
dan 100) werkzame vuurspuwende bergen. De eilanden
hebben een tropisch, vochtig klimaat (moessons), en
dientengevolge spreidt het plantenryk er zijn grootste
pracht ten toon.
(Zie voor meer bijzonderheden onze Beknopte Aard-
rijkskunde van Nederland en zijne Bezittingen).
Behalve enkele kleinere eilanden en het noorden
van Borneo, behoort de geheele archipel aan Europeesche
staten en wel aan Nederland, dat het grootste deel er
van in bezit heeft, aan Portugal, dat de noordelijke
helft van ïimor bezit en aan Spanje, dat in het bezit