Boekgegevens
Titel: Nieuwe mengelingen
Serie: Klassiek letterkundig panthéon, 64-67
Auteur: Bilderdijk, Willem
Uitgave: Schiedam: H.A.M. Roelants, ca. 1861 *
[Heruitg.]
Opmerking: Bevat de dl. 1-2 van Nieuwe mengelingen, 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 08-202
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200256
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuwe mengelingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
— iii —
! Älen kent hem — 't is gedaan! kan hy zich-zelv' verzaken?
De gloed van 't haarfteêvuur befchynt en verwt zyn kaken:
Verfchieten ze echter? ja; de bleekheid van den fchrik
Neemt ze in, en tygt Iiem aan in 't eigenst oogenblik.
Verrast en overtuigd, wal zal hy wederftreven ?
Df Jezus en zich-zelv' het fchoonst getuigenis geven ?
Erkennen, dal hy 't is, die Hem zyn' Meefter noemt,
Als Heiland kent, belydt, en Gods Gezalfde roemt?
Oie, rotfteen in den ftorm, verwrikken kan noch fchudden.
Den herderftaf verdient van zyn verlaten kudden,
Bn 't leven veil heeft voor de waarheid, voor zyn' Heer?
Helaas! hy viel te diep, hy heeft die kracht niet meer!
len nechte Zoetlares, by 'tfchuim der rolsgezelien
V'^erachtlyk, is in ftaat die fteenrols neer te vellen,
lén aanblik, en één woord: »Gy ook behoort by Hem!" —
Vee», roept hy, 'A: ken Hem ntW, met opgeheven ftem,
!k weet niet wat gy zegt. O neen, gy zyt bedrogen;
ïln. Hemel! zelfs zyn eed bevesligl deze logen,
lelaas! de wachltrompet (*) verkondt den morgenftraal,
2n hy, hy zweert op nieuw, ja voor de derde maal!
'yn Meefter ziet hem aan — uit deernis? tot verwyten?
^cli! Petrus voelt dien blik zyn' boezem openryten,
)en grond zich oopnen voor zyn' voelftap — ach! hy vliedt,
In fchreit, en roept Genä, en voelt zich-zelven niet.
Van waar, o Petrus, toch dal fchrikbre moedverdoven!
ïoc vurig was uw hoop! hoe zeker uw gelooven!
loe vast uw liefde en drift voor Jezus! Eene ftond
loort liefde en trouw en hoop, en alles in den grond !
Geloof lydt fchipbreuk! — neen, 't geloof zal u behouen;
Mt geeft uw Avroeging kracht, uw fmeekend hart vertrouwen,
(*) De hanenkraai.