Boekgegevens
Titel: Nieuwe mengelingen
Serie: Klassiek letterkundig panthéon, 64-67
Auteur: Bilderdijk, Willem
Uitgave: Schiedam: H.A.M. Roelants, ca. 1861 *
[Heruitg.]
Opmerking: Bevat de dl. 1-2 van Nieuwe mengelingen, 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 08-202
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200256
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuwe mengelingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
- 5") —
Of, eischt (jy't, geef in angst en plagen
De krachten die het hart behoeft,
Dat ai zijn zwakheid heeft beproefd,
Om in den nood zich-zelf Ie fchragen!
O red het, fleun het in gevaren.
Vervul, regeer hel, drijf het aan!
Onlruk het aan zijn' eigen' waan ,
En wil hel voor zich-zelf bewaren !
1805.
Echtheü.
l^it gcciiE luebcröcïft ïjrcft/ UmiicOt in 3ün Iccb.
jezus sirach, xxxvi.
Is het waar, mijne Uilverkoorne,
Wat men in de wareld zeidt:
o't Echte bed heeft fteeds zijn doorne,
»Schoon met rozen overfpreid."
'k Weel dat rozen dorens dragen,
Die men van den braambosch gafirt:
leder wellust heeft beur plagen
Die haar wortel heeft in de aard.
Maar in de echte zaligheden
lleerseht geen mengfel van verdriet.
Neen, de roos van 's Hemels Eden
Kent het dorenfpilsjen niet.