Boekgegevens
Titel: Nieuwe mengelingen
Serie: Klassiek letterkundig panthéon, 64-67
Auteur: Bilderdijk, Willem
Uitgave: Schiedam: H.A.M. Roelants, ca. 1861 *
[Heruitg.]
Opmerking: Bevat de dl. 1-2 van Nieuwe mengelingen, 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 08-202
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200256
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuwe mengelingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
— —
Laat andren voor de toekomst ijzen !
Mijn God, mijn Vader, geeft my l)rood.
Hy weet, Hy kent, Hy ziet mijn' nood,
En heeft genoeg om my te fpijzen.
Laat, Vader, laat my dit verwerven,
In ruimer of bekrompner maat!
Mijn ziel verlangt geen overdaad.
En Gy, Gy laat geen nooddruft derven.
Deel, deel my naar uw welbehagen.
Genadig Vader, leed en zoet.
Maar duldt niet dat mijn overmoed
Zich van uw giften zou beklagen!
Neen, leg me, in voor- en tegenfpoeden,
Den dank in 't hart en in den mond:
En wil me in 's levens avondftond
Voor twijdary en wanhoop hoeden!
O God! ik hoop op uw genade:
Verleng mijn dagen, breek hen af!
De weg ten hemel ligt door 'tgraf,
Nooit koomt men daar te vroeg of fpade.
Gy, die de graanfcheut hebt doen groeien.
Gebiedt den maaier, en hy fnijdt:
En 't halmtjen valt ter rechter tijd ,
Eer 't najaarsweer zijn air koomt fchroeien.
Bewaar zoo my, bewaar uw fchapen,
ó God, eer 't rampvol uur genaakt
Voor al wie Jezus niet verzaakt.
En laat my in Uw heil ontflapen!