Boekgegevens
Titel: Nieuwe mengelingen
Serie: Klassiek letterkundig panthéon, 64-67
Auteur: Bilderdijk, Willem
Uitgave: Schiedam: H.A.M. Roelants, ca. 1861 *
[Heruitg.]
Opmerking: Bevat de dl. 1-2 van Nieuwe mengelingen, 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 08-202
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200256
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuwe mengelingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
- o2 -
Dci' Vaadren leeftijd, reeds van oudren deugd geweken
Teelde ons, geheel verbasterd zaad,
Om nog bedorvner kroost te kweken.
Dat in zijn gruwelen vergaat.
lloRATius vrij nagevolgd 1805.
Gerustheid in God.
Wzï\it aUc iilue öefiommenn^fc opl^cm: luant
3frjït üaa^ u.
i pktb. v.
0 (iod, *t is zoet met U te leven,
In U te vreèn, in U gerust,
Getrokken door geen eigen lust,
Door geenon aardfehen wind gedreven,
't Is zoet, mijn God, wanneer wy lijden,
Tot U, den Uedder, op te zien:
't Is zoet, aan U den dank te bièn,
Wanneer ons hart zich mag verblijden.
Wie vindt in 't bruifchen der vermaken,
By wulpfchen dans of nietig fpel,
Verlichting voor zijn zielgekwel.
Voldoening voor zijn hart te fmaken?
Wie vindt in ongebonden weelde,
In 't zwelgen van den overvloed.
De vreugd, de vrede van 't gemoed,
Die zich de ontvlamde drift verbeeldde?