Boekgegevens
Titel: Nieuwe mengelingen
Serie: Klassiek letterkundig panthéon, 64-67
Auteur: Bilderdijk, Willem
Uitgave: Schiedam: H.A.M. Roelants, ca. 1861 *
[Heruitg.]
Opmerking: Bevat de dl. 1-2 van Nieuwe mengelingen, 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 08-202
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200256
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuwe mengelingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 40 —
Kaal zelfs en walerflroom en winden
Zich niel in uw gareelen binden ?
Strekt de afgrond u geen zeker pad?
Tracht iels uw heerfchappy te ontvlieden;
Kn moogt ge niet als Heer gebieden
Aan wat zijn fchepping in zich val?
En gy, Wien de Elementen dienen,
Die by bel lager fchepflendom
De plaats bekleedt des Ongeziencn!
Gy treurt, gy wanhoopt! En waarom?
Geen gouden lichter fiert uw wanden,
Waar op de bijen offers branden;
Maar 's hemels fakkel licht u voor!
(leen knecht moge op uw wenken draven;
3Iaar Zon cn Jaarlij' zijn uw flaven,
En flellen nooit hunn' heer lo loor.
Gy moogt geen koslbre fponde fpreien
Met zij' en purpren ilaapmalras?
Waar God zijn fcbaduw uit moog breien,
Is mollig zand of donzig gras.
Wat raakt hel, waar ge rust moogt fmaken
Of is de flaap aan 't gouden laken
En zilvren bedgordijn verpand ?
O neen, hy woont by 't flil genoegen,
By 'tin Gods wil te vreden zwoegen.
En niet op 't prachtig Ledikant.
Geen wijn noch uitgezochte fpijzen
Vertieren uwen fcbaamlcn discb ?
Leert die u fpijst, uw' dank bewijzen:
Hy weel, wat u genoegzaam is.