Boekgegevens
Titel: Nieuwe mengelingen
Serie: Klassiek letterkundig panthéon, 64-67
Auteur: Bilderdijk, Willem
Uitgave: Schiedam: H.A.M. Roelants, ca. 1861 *
[Heruitg.]
Opmerking: Bevat de dl. 1-2 van Nieuwe mengelingen, 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 08-202
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200256
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuwe mengelingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 124 -
Ons hart is aan zich-zelf genoeg.
Dat hart onwraakbaar om te dragen,
Zie daar het Godlijkst welbehagen!
Hy miste H, die ooit ander vroeg.
Ons loon ligt in 't getuigenisfe,
Dal God ons fpreekt in 't vrij gcwisfe,
Wen nooil dal hart voor de ondeugd floeg.
Laat duizenden den Chrislen doemen;
Zijn harl is vrijfpraak, roem, cn lof.
Laat, laat hem de aard onlzinnig noemen,
Zijn glorie is in 't Hemelhof!
Hy hangt aan mecning noch begrippen.
En waagt by 's warelds blinde klippen
Zich aan geen' menfchelijk' Piloot,
Wat is hem 't oordcel, 'l wangevoelen
Van hun, die op geen haven doelen.
Maar, dobbrende in hun wrakke bool,
Nu bier-, dan herwaart hencndrijven.
Te vreden met het zeil tc flijven,
Al voert hel in een wisfe dood!
Hy volgt zijn' plichl. Dat andren peilen.
Of, door de golving meégeneurd.
Zich achtloos op een punl verzeilen.
Die boog en kiel aan fplinters fcheurt!
De Wijze zal zijn ftreek bewaren
In 't woest gehobbel van de baren.
En flreefl heur fclfte branding door.
Hy houdt die Noordflar fteeds vooq oogen.
Die nooit den zeeman heelt gelogen,
En wijkt geen hairbreed van zijn fpoor.
Laat andre flarrcn rijzen, dalen;