Boekgegevens
Titel: Nieuwe mengelingen
Serie: Klassiek letterkundig panthéon, 64-67
Auteur: Bilderdijk, Willem
Uitgave: Schiedam: H.A.M. Roelants, ca. 1861 *
[Heruitg.]
Opmerking: Bevat de dl. 1-2 van Nieuwe mengelingen, 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 08-202
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200256
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuwe mengelingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 14 —
»Gy, immers, kent mijn zuiver liart:
»Gy kent liet! lees daar in.
»Of — acht gy u dat hart onwaard,
»Ik volg u als flavin."
Zoo fpreekt zy, werpt zich op den grond,
En klemt zijn knicn vast.
»Neen (zegt zy), één genadig-^oord!
»Eer my dc dood verrast." —
Dc Jongling zwijgt, en zucht, en beeft.
»»Aanminnige Asfeneed!""
Dit's alles wat hy uilen kon!
Wat aan zijn hart ontgleed!
In 't eind, hy heft haar trillende op:
Zijn boezem ftikt cn nokt. —
Een vloed van tranen geeft hem lucht,
Terwijl zijn lichaam fchokt.
»»Geliefde —!"" barst hy los, en bloost;
Maar wedcrroept het woord.
»»Gy (zegt hy), gy, mijns Mcefters Bruid!.
»»Ach, heb ik wel gehoord!
»»O gy, die Jaoos Godheid kent,
»»Gy wilt u-zclv cn my
»»Vervoeren tol een' gruwbren roof! —
»»Algoedheid, fla my bij! —
»»Zie Gy, ó zie op deze flond
»»Op my, verlaalnen, néér!
»»Ik ftort, fteunt my uw Almacht niet!
»»Mijn boezem kan niet meer! —