Boekgegevens
Titel: Nieuwe mengelingen
Serie: Klassiek letterkundig panthéon, 64-67
Auteur: Bilderdijk, Willem
Uitgave: Schiedam: H.A.M. Roelants, ca. 1861 *
[Heruitg.]
Opmerking: Bevat de dl. 1-2 van Nieuwe mengelingen, 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 08-202
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200256
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuwe mengelingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
— H —
Hoe zalig was bet zalig veld
In deze zaligbeen!
Hoe zoet gevoelde zy beur' flaat,
Met Jozef lotgemeen!
Maar ach! die tijden zijn geweest,
En alle heil verbeurd!
Van al wat prijs had voor heur hart
Is ze eeuwig afgefchcurd! .
»0 God, dien Jozefs hart aanbidt,
i)Dicn hy my kennen deed!
»(Dus roept, dus fchreit, dus gilt zy uit)
»Zie neder op mijn leed!
»0 fchenk my Hechts een' oogwenk troost
»Van Jozefs dierbren mond;
»En dan, bevry my van het licht,
»En van dit Echtverbond!" —
Zy zwijgt: en wie, wie doet zich op
Terwijl zy 't hoofd verheft?
Is 't Jozef? Jozef! Is hy 'tniet?
Wiens beeld beur oogen treft!
»Ach! (roept zy, fchrikkende en verbaasd)
»Ach, hemel! kan het zijn?
»Of is 't bedwelming van mijn' geest,
»En lichaamlooze fchijn?" —
De Jongling buigt zich op dc knie:
»»Mevrouw (dus vangt hy aan),
»»Herken my, eerst uw' medeflaaf,
»»En thands uw' onderdaan!