Boekgegevens
Titel: Nieuwe mengelingen
Serie: Klassiek letterkundig panthéon, 64-67
Auteur: Bilderdijk, Willem
Uitgave: Schiedam: H.A.M. Roelants, ca. 1861 *
[Heruitg.]
Opmerking: Bevat de dl. 1-2 van Nieuwe mengelingen, 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 08-202
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200256
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuwe mengelingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
- 6 —
Van de eerfte kindslieidjaan, llavin,
Uit Midian gekocht,
Ontzet zy voor haars mecfters arm,
Als voor een wangedrocht.
Zy weet niet, welk een wondrc drift
Haar boezem ijzen doe:
Alleen Gods Engel kent die drift.
En wenkt die gunftig toe.
»Ach (zegt zy) ftrenge Potifar!
»Verzwaar mijn flavcrny!
»Maar laat mijn hart, mijn teder hart,
»Van band cn kluister vry!
»Wat deed ik, jeugdig Maagdelijn,
»Dat by de fchapen liep!
»Het geen my uit dat zalig lot
»Naar praal en Hofpracht riep ?
»Wat was het dat my overgaf
»Aan uw gehate min?
»Ach, zalig was ik op het veld;
»Gelukkig, als flavin!
»Zal ik, tot eeuwig leed gedoemd;
»Mijn gruwzaam leven lang
»Verfmachten op de Huwlijkskoets,
»In onverduurbren dwang?
»Ik, in een' hatelijken rang
»3Iijns mecfters Bedgenoot,
»Hem met een bloed, verftijfd van fchrik,
»Onlfangen in mijn' fchoot?