Boekgegevens
Titel: Nieuwe mengelingen
Serie: Klassiek letterkundig panthéon, 64-67
Auteur: Bilderdijk, Willem
Uitgave: Schiedam: H.A.M. Roelants, ca. 1861 *
[Heruitg.]
Opmerking: Bevat de dl. 1-2 van Nieuwe mengelingen, 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 08-202
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200256
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuwe mengelingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
- 199 —
EUTIIYFROK.
Door aan de lieiliglieid zelve die gckrenkl is, te voldoen;
waariTieó liet gevoel harer krenking noodwendig ophoudt, en
dus de toorn verzoend is.
FILALETHES.
Het zy zoo, fchoon my dit onderfcheid woordenklovcry toc-
fchijnl.
EUTHYFRON.
Veellicht knn men 't d&ar voor houden. Wanneer wy van
God redeneeren, moeten wy daar wel fomtijds in veivallen.
Maar hoe 't zy; waar onze denkheeldon oiulerfrhciden zijn,
moeten onze woorden hun onderfcheid uiidrukken, of wy
verliezen alle middel om ons-zelven tc verflaan.
FU-ALETHES.
Vaar flechts voort, en laten wy hel bcfluit opmaken,
EUTHYFRON.
Indien gy deze onze gevonden bepaling van de ftraf aan-
neemt, zoo fluit dan het denkbeeld van de ftraf dat van den
misdadige niel in.
FILALETHES.
Dat fchijnl my zoo toe.
EUTHYFRON.
En zeker moet hel dit ook niet. Want is de ftraf recht-
vaardig, ZOO is zy noodzaaklijk.
FILALETHES.
Ja voorzeker. Wanl de ftraf is den mensch een kwaad; en
een noodeloos kwaad le willen, ftrijdt tegen Gods goedheid.
EUTHYFRON.
Maar is zy noodzaaklijk , zoo is zy 'l , of uit hoofde van
Gods natuur, of uit hooide van den mensch-zelvcn, of uil
hoofde van een derde wezen.