Boekgegevens
Titel: Nieuwe mengelingen
Serie: Klassiek letterkundig panthéon, 64-67
Auteur: Bilderdijk, Willem
Uitgave: Schiedam: H.A.M. Roelants, ca. 1861 *
[Heruitg.]
Opmerking: Bevat de dl. 1-2 van Nieuwe mengelingen, 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 08-202
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200256
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuwe mengelingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
— m —
filalethes.
Buiten tegenfpraak.
EUTHYPROrf.
Zoo wederflrccft dan de onzedelijkheid aan Gods heiligheid,
Gods heiligheid aan de onzedelijkheid. £n de eene kan de
andere niet dulden, niet willen.
FILALETHES.
Dit volgt.
EÜTHYFRON.
Maar niet willen, of weggenomen willen, is dit in God niet
het zelfde?
FILALETHES.
Dat moet het.
EÜTHYPROW.
Maar 't geen men wil dat niet zy, en echter is, krenkt dat
Diet ?
FILALETHES.
In zekeren zin, ja.
EÜTHYFRON.
Niet in zekeren, in den volkomenften zin van het woord.
Wat is krenken?
FILALETHES.
Dal krenkt my, H geen my tegen mijn crnftigcn wil over-
koomt, zonder dal ik 't verwijderen kan.
EÜTHYFRON.
Maar, menfchelljker wijze gcfproken, zoo beftaal het kwaad
tegen Gods heiligen wil; bet beflaat, ondanks zijn wil en al-
macht, die alles goed maakten. — Ik zeg, menschlijker wijs
5cfj>roken. Want wy kunnen van God niet anders fpreken;
en in de woorden meer te ftellen dan hunne toepasfing op