Boekgegevens
Titel: Nieuwe mengelingen
Serie: Klassiek letterkundig panthéon, 64-67
Auteur: Bilderdijk, Willem
Uitgave: Schiedam: H.A.M. Roelants, ca. 1861 *
[Heruitg.]
Opmerking: Bevat de dl. 1-2 van Nieuwe mengelingen, 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 08-202
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200256
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuwe mengelingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
- 188 —
FILALETHES.
Door liet verfeliuldigde te betalen. Te maken dat de Schuld
cifcher ophoudt iets te eifchen te hebben, is de fcbuldenaa
van de fchuld bevrijden.
EÜTHYFRON.
Zoo zeg niet, dat wy in de betaling van een fchuld op he
verfchuldigde zien; maar, dat wy daarin op den Schuldeifche]
zien die ze te vorderen heeft. Als die voldaan is, houdt d(
fchuld op.
FU^ALETHES,
Zoo is het in de daad.
EÜTHYFRON.
Maar als aan Gods heiligheid voldaan is, houdt dan ook d<
ftraf niet noodzakelijk op? En moeten wy als het de ftraf geldt
niet alleen daarop zien wat Gods gekrenkte heiligheid vordert
FILALETHES.
Dil weet ik nog niet. Wat is 't eigenlijk, dat het wezen dei
ftraf uitmaakt ?
EÜTHYFRON.
Zoo gy dit vraagt, moeten wy de zaak in zich-zelve befchou
wen; want alle onze Definilien van ftraf zeggen hier niets
Een natuurlijk kwaad, dat voor een zedelijk kwaad wordt te-
rug gegeven: een natuurlijk kwaad, dat ter boeting van eei
zedelijk vergrijp iemand aangedaan wordt, en wat dergelijk«
meer is; dit zijn alle woord-definitien, die niets ophelderen
FILALETHES.
Welke is dan, volgens u, de zaak-definitie der ftraf?
EÜTHYFRON.
Het geen Gods gekrenkte heiligheid vordert ter barer bevre
diging.—Gy ziet my verwonderd aan. Bevreemdt u dit zoo'
FILALETHES.
Laat zich deze definitie ook op menscblijke ftraffentoepasfen'