Boekgegevens
Titel: Praktisch cijferboekje voor de lagere scholen
Deel: II Tiendeelige getallen
Auteur: Bierens, A
Uitgave: Breda: H.J. van Wees, 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1713
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200252
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Praktisch cijferboekje voor de lagere scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 12 —
5. — Deel nu eens 2.C, O 17, 31.36 en 16.275 door O 04,
0.16, 0.64 en 6.25,
6. — Hoe menigrïiaal kan 0.9, 3.6, 0.72 en 0.048 elk
afzonderlijk in 697.5?
„ „ , . 6..S4 2Ö.007 692.8 6000 «
7. — Hoe veel .s en ?
8. — Hoe veel bedraagt het quotiënt van O.OOOH 375 gedeeld
door 0.02275?
9. — Deel op de gemakkelijksie wijze 8.7 door 10, door
400, door 1000 en door 40000.
10. — Bereken de waarde van 2.9486 : 7.5, 10 : 8.25,
6.072 : 9.99, 263.847 : 84 en 6.92 : 0.017. — Zet de
deeling, waar zulks noodig is, voorl lot zes dccimalen.
§ 2-
4. — Vier kinderen kregen van hunnen oom één rijksdaalder:
hoe veel kwam ieder daarvan toe? (1)
2, — Iemand heeft 7 knechts, die te zamen/"SI.SO in de
week verdienen. Bereken nueens hoe groot ieders dagloon is.
5. — Als er uit 2.5 el laken een rok kan gemaakt worden,
hoe veel zulke rokken kunnen er dan gemaakt worden uit
een stuk laken, dat 30 ellen tang is? (2)
4. — Hoe veel ellen linnen kan men koopen voor /"Ol, als
men voor de el 65 centen moet betalen ?
5. — Als^ een stuk laken van 23,4 el /■146.25 kost, hoe duur
is dan de el? •
6. — Eene iiuismoeder neemt om soep te koken telkens
2.25 ons rijst, hoe dikwijls kan zij dan soep koken van
9 pond rijst?
7. — Wanneer men voor 8.4 ^ boter moet betalen /3.1Ö,
legen hoe veel is dan hel pond gerekend?
250
(1) Opl.: van 250 ets. komt ieder — = cents.
(2) Opl. Uil 1 el maakt men i, dus uit 30 clIca30X2\ =
30 SOO , ,
= 25 =