Boekgegevens
Titel: Kleine schets der Nederduitsche taalkunde, tot bijzonder gebruik in de school te Zaandijk
Auteur: Barnouw, Pieter
Uitgave: [S.l.: s.n.], 1837 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1200
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200200
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleine schets der Nederduitsche taalkunde, tot bijzonder gebruik in de school te Zaandijk
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 11 -
zoodanig vooruitgestelde rede, met een voegwoord ver-
bonden, ten grondslag ligt, als: Äjr schäme dch, hp
moge komen. Geef m^ Tngn geld, opdat ik ook betale.
De tg den der werkwoorden zjr'n , zoowel in de aantoo-
nende als in de aanvoegende wijs, zes in getal, t. w.
de tegenwoordige, de onvolmaakt verledene, de vol-
maakt verledene, de meer dan volmaakt verledene, de
eerste toekomende en de tweede toekomende tqd.
De tegenwoordige tgd stelt eene, op den oogenhlik
plaath hebbende, werking voor, als: ik leef, g^ zoekt,
het staat enz.
De onvolmaakt verledene tgd drukt eene werking
uit, die wel verleden is, doch waarvan de tgd nog
voortduurt, als: ik stond, gg wenktet, wg sliepen enz.
In dezen tgd veranderen de ,ongelijkvloeijende
werkwoorden van wortelklinker, en wordt de slui-
ting van het verledene deelwoord der andere
werkwoorden, met eene d bepaald, n.1. als de
onvolmaakt verledene tijd de uitgang de bekomt;
zonder deze uitgang wordt het verledene deelwoord
met en of t gesloten.
De volmaakt verledene tgd stelt eene werking voor,
die geheel geeindigd is , en waarvan de tijd ook heeft
opgehouden, als: wg hebben gelezen, Ajr heeft gezegd,
zif zgn vertrokken.
De meer dan volmaakt verledene tijd stelt ook de
werking als volkomen geeindigd voor y, maar geeft tevens
te kennen, dat, zoowel in den tijd waarop, als in den
tijd waarvan men spreekt, eene andere handeling begon,
als : ik had z 'gnen brief gelezen toen hg zelf inkwam.
De eerste toekomende tijd stelt eene werking, in den