Boekgegevens
Titel: Kleine schets der Nederduitsche taalkunde, tot bijzonder gebruik in de school te Zaandijk
Auteur: Barnouw, Pieter
Uitgave: [S.l.: s.n.], 1837 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1200
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200200
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleine schets der Nederduitsche taalkunde, tot bijzonder gebruik in de school te Zaandijk
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 10 -
ren enz., want men zegt: het smart m^, hei berouwt
hem, en het jammerde ons.
Vervoeging {conjugatie) is de voorstelling van een
tverkwoord met al des zelfs veranderingen, in de
bijzondere wijzen en t^den, en door de verschillende
personen, daartoe behoorende. (*)
De wgzen der werkwoorden zgn niet anders , dan
die onderscheidene wgzen, waarop eene voorstelling
geschiedt. Déze zijn vier, n.1. de onbepaalde, de aan-
toonende, de gebiedende en de aanvoegende wgs.
De onbepaalde wgs stelt eene handeling voor, zonder
bepaling van personen en zonder getal. — Zij heeft,
gelijk als in de natuur bestaat, slechts den tegenwoor-
digen , den verledenen en den toekomenden t^d.
De aantoonende wgs dient, om eene handeling als
wezentlgk plaats hebbende, in de verschillende tijden ,
en met vermelding der bijzondere personen, uit te
drukken.
De gebiedende wgs stelt eene handeling voor, M>elke
men gebiedt, verzoekt of waartoe men aanspoort. Zij
kan slechts in den tegenwoordigen tijd plaats hebben, en
heeft alleen den aangesprokenen persoon, in het enkel-
en meervoud, als : kom en komt.
De aanvoegende wgs dient, om eene twijfelachtige of
onzekere handeling voor te stellen, waarbij een wensch
eene voorwaarde, eene vooronderstelling, of eene als
(♦) De vervoeging der verschillende werkwoorden moot,
even als de verbuiging der naamwoorden , met al wat daarbij
behoort, bijzonder geleerd cn beoefend worden.