Boekgegevens
Titel: Taaloefeningen voor de lagere school
Auteur: van Agt, Martin P.
Uitgave: Tiel: D. Mijs, ca. 1880-... *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1161
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200186
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Linguïstiek, Nederlands, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Taaloefeningen voor de lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
19
Aan den voet van een berg wordt men duizelig van
zijne hoogte. Op den top des bergs schijnt de hoogte
ons veel geringer toe.
21.
Plaats bij de volgende zinnen eene bepaling, die
het antwoord is op de vraag: waar?
Het vogeltje broedt. Kinderen zijn het geluk-
kigst. Den gierigaard vindt men meestal. Domme
jongens zijn niet te vinden. Eene aardbeving heeft
plaats gehad. Alle dagen wordt markt gehouden.
Boerenjongens leeren netheid. De koning heeft zijn
intocht gedaan. De doodstraf is afgeschaft. Veel
Nederlandsche soldaten zjjn gesneuveld. Wij hebben
koloniën. Besmettelijke ziekten heerschen veelal.
De cholera onstaat. Kinderen hebben plichten te
vervullen. Gij moet nooit spelen.
22.
Voeg bij de volgende zinnen eene bepaling, die
het antwoord geeft op de vraag: tcanneer?
De zon schijnt. De school begint. De mensch
leert. De mensch groeit. De mensch vervalt. De
zon schijnt niet. Rozen bloeien. De mensch heeft
zijn schoonsten tijd. De vader zei zijnen kinderen
vaarwel! De moeder zag haar zoon voor 't laatst.
De Franschen werden door de Duitschers overwon-
Taaloefeningen, No. 3. 3