Boekgegevens
Titel: Taaloefeningen voor de lagere school
Auteur: van Agt, Martin P.
Uitgave: Tiel: D. Mijs, ca. 1880-... *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1161
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200186
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Linguïstiek, Nederlands, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Taaloefeningen voor de lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
14
10.
Noem uit de volgende zinnen het onderwerp en
het gezegde:
In de school leert de knaap. De klok heeft 12 uur
geslagen. In Afrika leven leeuwen. Onder 't lommer
dor kastanje is hij begraven. Duitschland heeft
Frankrijk overwonnen. Tot den dood toe zullen wij
ons vaderland verdedigen. Ons dreigt steeds gevaar.
U verlaat ik nooit. Den weg wijs ik u gaarne. Dat
geschenk zal hij zeker aardig vinden. God heeft
den mensch verstand geschonken. Verstand ontbreekt
den dieren. Van den Schepper heeft de mensch alles
ontvangen. De dood geeft rust. Rust schenkt kracht.
Slaap stilt de pijn. Vermoeienis brengt slaap. Dof
rommelt de donder in de verte De rechtbank ver-
oordeelt den schuldige. De koopman stalt zijn waren
voor het raam uit. De haan waakt over zijn kippen.
De boer arbeidt op het veld. Goede boeken lees ik
gaarne. Wie roept mij ? Hoort gij de brandklok ?
11.
Schrijf 15 zinnen, waarvan het onderwerp in het
enkelvoud staat en plaats daarnaast zinnen met het
onderwerp in het meervoud.
Bijv.: De leerling leert vlijtig. — De leerlingen
leeren vlijtig.