Boekgegevens
Titel: Fransche oefeningen, met de noodige spraakkunstige aanwijzingen en ophelderingen, ten dienste der Nederlandsche jeugd.
Deel: zevende stukje Bevattende oefeningen over eenige synoniemen en andere bijzonderheden betreffende het taalgebruik
Auteur: Baudet, P.J.
Uitgave: Deventer: De Lange, 1844
2e dr; 1e dr. 1842
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1087
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200143
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Fransche oefeningen, met de noodige spraakkunstige aanwijzingen en ophelderingen, ten dienste der Nederlandsche jeugd.
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 163 . )
delingen, die de geneeskunst gemaakt lieeft, zeei-
geacht Avorden, waren voorwerpen van bewonde-
ring voor gansch Europa. Daar zij in het latijn
opgesteld zijn, konden zij zonder vertaling overal
gelezen worden; maar zelfs buiten Europa wer-
den zij spoedig bekend: de mufti A'an Konstanti-
nopel heeft ze in het arabisch vertaald.
Jegens zijne leerlingen was Boerhave minzaam ,
en vol ijver voor hunne vorderingen. Zij hadden
in hem eenen wijzen raadgever, die zich bevlijtig-
de om hunne bijzondere talenten le ontdekken;
hij moedigde hen aan cn hielp hen door allerlei
ouderrigtingen. In hunne ziekten was hij hunne
geneesheer; hij beschouwde hen als zijne aange-
nomene kinderen.
Hij werd in 1731 tot lid van de academie der
wetenscViappen van Parijs benoemd, en kort daaf-
op werd hij ook lid van de koninklijke maatschap-
pij van Londen.
Zijn gestel was sterk; doch zijn biutengemeen
werkzaam leven heeft hetzelve verzwakt. Eene
suiartelijke ziekte heeft hem aan de wetenschappen
en aan zijne talrijke vrienden ontrultt, op den
23sten September 1738.
10. Gustaaf Wasa.
Zweden, Noorwegen en Denemarken zijn lang
ifgescheidene staten geweest. In 1397 hebben de
ifgevaardigden der drie koningi-ijken, te Calmar
vereenigd, Margaretha Waldenaar als Souvereine
kfan de drie staten erkend, en eqn traktaat gcslo.
pa, bestemd om deze vereeniging te doen voorts
luren, op voorwaarde, dat de Souverein zijn ver
fclijf opvolgelijk in elk der drie koningrijken zoude