Boekgegevens
Titel: Fransche oefeningen, met de noodige spraakkunstige aanwijzingen en ophelderingen, ten dienste der Nederlandsche jeugd.
Deel: zevende stukje Bevattende oefeningen over eenige synoniemen en andere bijzonderheden betreffende het taalgebruik
Auteur: Baudet, P.J.
Uitgave: Deventer: De Lange, 1844
2e dr; 1e dr. 1842
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1087
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200143
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Fransche oefeningen, met de noodige spraakkunstige aanwijzingen en ophelderingen, ten dienste der Nederlandsche jeugd.
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 162 . )
nccskunst U) vervullen. Zijne academische Icsse:
waren zoo leerzaam, dat zij spoedig eenen toevloe
van studenten naar Leiden lokten, niet alleen u;
al de provinciën van ons vaderland, maar oo
uit de meeste landen van Europa. De curatore
van de universiteit van Leiden verhoogden aai
merkelijk zijn honorarium, op voorwaarde, dat h
die stad niet zoude verlaten, en schonken hei
vervolgens twee plaatsen van hoogleeraar, de eer
fn de plantenkunde, en de andere in de sehe
kunde. In die beide vakken verkreeg hij dezelfd
beroemdheid als in de geneeskunst. De menig!
van vreemde studenten gx^oeide van dag tot dag aan
cn dat in eenen tijd, waarin men bekwame manne
in alle landen aantrof. Zulks is een bewijs va
de uitstekende verdiensten van Boerhave.
9. Vervolg.
Als geneesheer boezemde Boerhave overal h
grootste vertrouwen in. Bij den toevloed van st
denten voegde zich de toevloed van zieken, d
van alle kanten kwamen om zijne zorgen intero
pen. Uit verre landen ontving hij eene menigi
brieven over allerlei ongesteldheden ; zijne scherpzii
nigheid deed hem de oorzaken der ziekten on
dekken, en zijne kunde deed de gepaste genec
middelen voorschrijven. Zelfs de Paus Benedi
tus XIII heeft hem over zijne ziekte doen raa«
plegen. Als wij de algemeene achting, die hij g
noot, in aanmerking nemen, zal het ons niet ve
wonderen, dat de Czaar Peter I en de grootherti
van Toscane hem met hunne bezoeken hebb»
vereerd.
Zijne schriften, die nu nog, na-de groote vc