Boekgegevens
Titel: Fransche oefeningen, met de noodige spraakkunstige aanwijzingen en ophelderingen, ten dienste der Nederlandsche jeugd.
Deel: zevende stukje Bevattende oefeningen over eenige synoniemen en andere bijzonderheden betreffende het taalgebruik
Auteur: Baudet, P.J.
Uitgave: Deventer: De Lange, 1844
2e dr; 1e dr. 1842
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1087
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200143
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Fransche oefeningen, met de noodige spraakkunstige aanwijzingen en ophelderingen, ten dienste der Nederlandsche jeugd.
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 143 . )
et eiland Procida , in den napelschen zochoczeiM
elegen. IJij l»ad de wapenen gedragen, en naar
ijn vermogen" de belangen van zijne oude mees-
ers verdedigd ; maar na de overwinningen van
^arel , had hij zich bij Constantia , de dochter
an Jlanfred cn koningin van Anagon , begeven ,
laar hij met onderscheiding ontvangen werd door
en koning Pedro , die hem aanzienhjke goederen
chonk, als schadeloostelling voor degenen , die
ij verloren had. De briefwisselingen, die hij niet
icilië onderhield, toonden hem steeds de kne-
elarijen der Franschen, hunne onregtvaaidighe-
en , hunne wreedheid , en vooral de veiatditing ,
iet ^welke zij de natie behandelden. Procida
laakte den koning van Arragon met dc klagtcn
er Sicilianen bekend , en deed A^erstaan , dat de
oningin , als dochter van Manfred, onbetwistbare
;gten op Sicilië had. Maar de koning achtte
ch niet sterk genoeg om met eenen zoo magti-
;n vijand als KartJ van Anjou te w^orstelen.
D
17. Vervolg,
Procida wanhoopte intnsschen niet aan de red-
ng van zijn vaderland: hij verkocht al zijne goe-
ïBen 5 ten einde zich in staat te stellen om eenige
izen te doen. Hij wilde zich van den waren
lat der zaken ondcrrigten, en overal vijanden
gen het huis van Anjou verwekken. Zich met
n nionniksgewaad gekleed hebbende, begaf hij
ch naar Sicilië , en doorliep vooral het binnen-
ï des eilands 5 waar de fransche ambtenaren veel
inder talrijk waren dan in de steden langs de
ist gelegen. Overal hoorde liij de klagten en het
mor der inwoners , en leidde er zich op toe, om