Boekgegevens
Titel: Aardrijks- en geschiedkundig schoolboekje der provincie Utrecht
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Utrecht: A.F. Blanche & comp, 1857
2e dr., geheel omgewerkt en herzien
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 999
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200139
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Utrecht (provincie), Leermiddelen (vorm), Geschiedenis (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Aardrijks- en geschiedkundig schoolboekje der provincie Utrecht
Vorige scan Volgende scanScanned page
springende hoeken, Haar omtrek is 50 uren en hare
oppervlakte bedraagt ruim 25 vierkante geographische
mijlen of 45 vierkante uren.
ITI LES.
Luchts- en grondsgesteldheid, henevens de
voortbrengselen der provincie.
h 1-
De lucht is in deze provincie droog en zuiver,
waarvan de gezondheid en de hooge ouderdom der
bewoners ten bewijze kan strekken.
De grond is hier, vooral aan de oostzijde, hooger
dan in Holland, doch zeer verschillend van natuur.
Men vindt er in het noordoosten heuvelachtige en
heidegronden, die tot schapenweiden dienen, zooals
de heide van Amersfoort. Tussehen den Eijn, de Lek
en den IJssel liggen vette en-zware kleigronden. In
het zuidwesten, naar de zijde van Zuid-Holland, treft
men schoone weilanden aan, en langs de Vecht in het
noordwesten, naar den kant van Noord-Holland, vindt
men veengronden.
De voortbrengselen uit het dierenrijk zijn zware
ossen en goede melkkoeijen, sterke paarden, wol-
dragende schapen, gemeste kalveren en varkens en
verder smakelijk klein wild. Tot het schadelijk ge-
dierte, dat men hier en daar vindt, behooren: vossen,
bunsings, wezels, otters, dassen en adders of ring-
slangen. Aan den bergkant, tegen het oosten ge-
legen, legt men zich veel toe op het houden van
bijen, die honig en was leveren.