Boekgegevens
Titel: Aardrijks- en geschiedkundig schoolboekje der provincie Utrecht
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Utrecht: A.F. Blanche & comp, 1857
2e dr., geheel omgewerkt en herzien
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 999
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200139
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Utrecht (provincie), Leermiddelen (vorm), Geschiedenis (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Aardrijks- en geschiedkundig schoolboekje der provincie Utrecht
Vorige scan Volgende scanScanned page
V LES.
Naams-oorsprong en korte schets tan de
geschiedenis dezer provincie.
§ 1-
De provincie Utrecht ontleende haren naam naar hare
hoofdplaats, welke naar de Eomeinsche benaming
Trajectum ad Ehenum, dat is: overtogt (trecht of
drecht) of vaart over den Eijn alzoo genoemd werd.
Vervolgens schreef men haren naam Olttrecht (oude
overvaart) en hieruit ontstond de benaming van Utrecht.
Zij werd van de vroegste tijden af door bisschoppen
bestuurd, die een wereldlijk en geestelijk gezag uit-
oefenden. Om deze reden wordt deze provincie ook
wel het Sticht genoemd, want het grondgebied van
eenen bisschop draagt den naam van Sticht.
Hare oudste bewonêrs waren de Batavieren, die in
het zuidwesten, en de Friezen, die in het noordoosten
der provincie woonden.
Na eenigen tijd onder de Eomeinsche overheersching
gestaan te hebben, kwamen de Franken uit Duitschland
hier te lande, maakten zich later meester van Gallië
(Frankrijk), en oefenden na dien tijd hier den grootsten
invloed uit.
§ 2.
Op het einde der zevende eeuw predikte Wille-
brordus, een Engelsohe monnik, hier liet eerst het
Christendom, en werd de eerste aartsbisschop van
Utrecht. Onder zoodanige bisschoppen, die te gelijk
een wereldlijk en geestelijk gezag uitoefenden, zelfs
over andere provinciën, bleuf het verscheidene eeuwen.
Tn de elfde eeuw schonk keizer Koenrnad III, onder