Boekgegevens
Titel: Sleutel bij de verbetering der Drie honderd volzinnen, spreuken, opstellen, enz.: voor de hoogste klasse eener lagere school
Auteur: Allirol, J.
Uitgave: Tiel: Wed. D.R. van Wermeskerken, 1852
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1021
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200125
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Linguïstiek, Spelling, Nederlands, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Sleutel bij de verbetering der Drie honderd volzinnen, spreuken, opstellen, enz.: voor de hoogste klasse eener lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
BLI
niet bij handelaar, en dus niet verbogen moest
worden.
Duitschen boekiiandelaar zou zijn een boekhande-
laar, die een üuitscher is.
(j. Eigentlijk behoorde het te wezen de oudere en
de jongere, omdat er maar twee zijn, waarvan
de eene ouder en de andere Aas jonger is, geen
derde, die de oudste of de jongste is.
h. Sijsje is onz. dus moet het ingevoegd worden,
Siegenbeek schrijft zijsje.
i. Herinneren willen Siegenbeek en anderen met de
zaak in den vierden, en den persoon in den
derden naamval. Ik herinner iets aan u. De
Jageb verdedigt (Versch. bl. 263) ik herinner
u aan iets, en naar ons inzien, op aannemelijke
gronden. IIamelbebg (M. v. N. T. bl. 42) keurt
dit laatste af, zonder opgave van redenen waarom.
k. Getracht te herinneren, laat in twijfel of men
het herinnerd heeft.
l. Bierkruik (zie 289) is eene kruik om bier
in te doen; daar hier het bier bedoeld wordt,
moet het wezen: eene kruik bier of biers.
m.In iets overgaan is minder goed dan tot iets enz.
n. Het kijken geschiedt met de oogen door middel
van een' verrekijker.
0. Uwen- u liefhebbenden. Moet dit u ingevoegd
worden? Sommige onderwijzers willen het in
dergelijke gevallen ingevoegd hebben, doch naar
ons inzien, pleit het gebruik er tegen. Wèl is
hebben bedrijvend, en heeft dus een voorwerp,
doch dit voorwerp is niemand anders dan de aan-
gesproken persoon. Uw toegenegen broeder, dier-
bare vriend, schijnen ons elliptische gezegden toe.
Uw, w toegenegen, mijn, mij dierbare enz.
296 In den vierden regel is eene lettergreep te veel
dus moet gij, ge worden; j/' gelijk sommigen