Boekgegevens
Titel: Sleutel bij de verbetering der Drie honderd volzinnen, spreuken, opstellen, enz.: voor de hoogste klasse eener lagere school
Auteur: Allirol, J.
Uitgave: Tiel: Wed. D.R. van Wermeskerken, 1852
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1021
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200125
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Linguïstiek, Spelling, Nederlands, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Sleutel bij de verbetering der Drie honderd volzinnen, spreuken, opstellen, enz.: voor de hoogste klasse eener lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
BLI
d. Die moet wezen dat, dewijl niet de ringen haar
verraden, maar het geluid, en dit is onz.
8a. Jaarlijksch is hier bijw. en moet dus zonder
ch zijn.
b. Het gebruik van tot-toe even als mn-af, van uit
enz. wordt hevig gegispt, en zelfs door van Lennep
in poëzy geestig gehekeld. Zij worden echter wel
gebezigd, door eene bepaling gescheiden zijnde,
bijv. van dien dag af.
c. Twintig, anderen zeggen tot veertig.
9a. Misdaad kan de ondankbaarheid slechts dan ge-
noemd worden, als men het uitwerksel voor de
oorzaak neemt. Eene ondankbare daad is altijd
eene slechte daad, doch niet steeds eene misdaad.
b. Niemand.... wil er niet, zou juist het tegenge-
stelde zeggen.
10a. Verderen. De c werd vroeger druk gebezigd,
doch wordt thans, buiten de zamenstelling met h,
ch, als vreemde letter in niet Nederduitsche woor-
den gebruikt.
b. Het eerste en is overtollig.
c. Ofschoon formen wel gebruikt wordt, geven de
meesten echter de voofkeur aan vormen.
Wa. Alle de moet zijn al de oi alle. Zie Weiland
I § 335.
Ook Bilderdijk bl. 268 wil al, vóór het lidw.
of een voorn.w. staande, niet verbogen hebben.
Kinker , Beoord. bl. 125 zou soms ook wel alle de
gebruiken willen. Even als Kinker denkt er Ha-
melberg over, M. v. T. 1 bl. 286.
b. Ter, als zamen getrokken uit tot der heeft hier geen'
zin.
c. Geen- niet, is eene dubbele ontkenning en zou dus
bevestiging worden.
d. Oogenblik is M. en O. — M. omdat blik het is,
en misschien onz., omdat men het ook beschou-