Boekgegevens
Titel: Sleutel bij de verbetering der Drie honderd volzinnen, spreuken, opstellen, enz.: voor de hoogste klasse eener lagere school
Auteur: Allirol, J.
Uitgave: Tiel: Wed. D.R. van Wermeskerken, 1852
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1021
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200125
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Linguïstiek, Spelling, Nederlands, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Sleutel bij de verbetering der Drie honderd volzinnen, spreuken, opstellen, enz.: voor de hoogste klasse eener lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
BLI
zegt, niet zijn uit te spreken, of men moet nood-
zakelijk nk laten hooren als in springl; len zij men dit
laalste uitspreekt als een verkort sprimjet.
7. Zij welen, wanneer dagelijks, jaarlijks enz.
bijv. n. w. en wanneer bijw. zijn, en schrijven ze in ^
het eerste geval met ch bv. hij bespaart dagelijks
zooveel; ov,s dagelijksch brood enz. Ook dat de ver-
grootende trap door dan gevolgd wordt; doch dat dit
alleen met den vorm er plaats heeft, bv. hij is zes-
maal wijzer dan zijn broeder, maar, bezit zesmaal
zooveel wijsheid als zijn broeder.
8. Ook dienen zij te weten, dat die gelijkvloei-
jende werkw., welke eenen zachlen medeklinker heb-
ben, den onvolm. verl. lijd met de en hel verl.
deelw. met d sluiten, terwijl die, welke eenen scher-
pen medeklinker hebben, het met te en / doen. Men
leze hierover L. Pn. van denBeugii, Bespiegeling over
den aard en de ontwikkeling onzer taal, bl. 110. Dus
in N°. 13 beproeven, beproefde, beproefd. N'. 14
bezaaide, bezaaid. N°. 23 genoemd. N". 24 behaald.
29 herbouwd. N°. 85 toevertrouwd, onaange-
roerd enz. enz., missen, misle, gemist; dansen, dan-
ste, gedanst; overstelpen, overstelpte, overstelpt,
yudsen, gudsie, gcgudst enz. enz.
De gelijkvloeijende werkwoorden, die d oi t hebben,
nemen in den onvolm. verl. tijd dde of tte N°. 19
ontlasten, ontlastte; N°. 22 munten, muntte; N'. 29
rigten, rigtle; verwoesten, verwoestte-, IN°. 57 en 61
antwoorden, antwoordde; N". 212 voeden, voedde;
iN°. 266 laden, laadde, (oudt. loed) N". 267 troostte,
baadde enz.
Die werkw. welke d hebben, krijgen in den 2
cn 3 pers. enk. der aant. wijze dt. iN'°. 23 verzan-
den, zij verzandt; I\°. 47 houdt; N°. 55 sitijdt enz. enz.
Zelfseoede schrijvers hebben thans eene neiging,
om döwerkw. gelijkvl. te vervoegen, ze schrijven: