Boekgegevens
Titel: Sleutel bij de verbetering der Drie honderd volzinnen, spreuken, opstellen, enz.: voor de hoogste klasse eener lagere school
Auteur: Allirol, J.
Uitgave: Tiel: Wed. D.R. van Wermeskerken, 1852
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1021
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200125
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Linguïstiek, Spelling, Nederlands, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Sleutel bij de verbetering der Drie honderd volzinnen, spreuken, opstellen, enz.: voor de hoogste klasse eener lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
en eene komma, omdat, zeggen zij, verbinding en
scheiding niet zamen gaan, doch, hoewel de komma
ook scheiteeken heel, zijn deze leekens echter, >■ geene
hekken of sluitboomen. die den wandelenden adem
ophouden. maar merkpaalljes langs het pad."
Het kommapunt, half lidteeken, semicolon, of
stipsnede (welken laalsten naam het heeft, bij van
Iperf.n, Kerkelijke Mislorie van hel Psalmgezang) wordt
hoofdzakelijk gebezigd lusschen voor- en nazindeelen,
of daar, waar eene eenigzins langere rust, dan van
eene komma noodig is. Eene naauwkeurige plaatsing
van dit teeken vindt men vooral in van Sciirevens uit-
muntende Handleiding enz.
De plaatsing van het dubbelpunt, dubbele punt,
Udteeken, colon, (dubhelstip, van Iperen, enz.) (:)
beeft minder zwarigheid, dan die van het vorige.
Het punt of sluitteeken wijst de langste rust aan en
sluit alle volzinnen, die niet uit eene vraag bestaan
of met een uitroepteeken gesloten" worden.
Over het vraagfeeken (?) is men het eens, dat het
alleen na reglslreeksche vragen komt, maar niet achter
die, welke in den verbalenden vorm slaan. Dus krijgt:
»hij vraagde of men de deuren gesloten had," geen (?)
maar, hij vraagde: »zijn de deuren gesloten?" wél.
De naam van het uitroep- of verwonderingsleeken{\)
duidt genoegzaam aan, wanneer het geplaatst wordt.
Beijer wil achter ongelukkige en koning in dezen
zin: overdenk, ongelukkige, wat gij enz. Koning, zie
daar hoe enz. eene komma en geen uitroepteeken;
anderen willen aan het hoofd der brieven achter:
Waarde Vriend! enz. een punt, omdat, zeggen zij,
daar uitroep noch verwondering plaats heeft. Het
punt zou daar verkeerd zijn; wil men geen I dan
moet er eene komma.
Maar waarom niet dit teeken, hebbende toch al
twee namen, met Spijkerman, ook aanspraakteeken