Boekgegevens
Titel: De arme Jakob: een leesboek voor de scholen.
Auteur: Anslijn, N.
Uitgave: Leyden: D. Noothoven van Goor, 1861
6e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 806
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200108
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm), Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De arme Jakob: een leesboek voor de scholen.
Vorige scan Volgende scanScanned page
87
niet gelukken onzer pogingen dikwijls aan het gemis
vau eeneu goeden wil moeien toeschrijven. Waar is
het derhalve lietgeen ergens gezegd wordt: ik kan
niet, zegt doorgaans zoo veel als: ik wil niet.
Eene andere opmerking, die ik iu mijn volgend
leven hevestigd gevonden heh, is: dal het ecu on-
berekenbaar voordeel geeft, zich zelven te oefenen,
met hoe veel moeite dit ook moge verlioiulen zijn.
Hierdoor leeren wij onze eigene krachten kennen,
en hulp in ons zelven zoeken —■ iels, waarvan wij
verstoken blijven, wanneer wij gewoon zijn altijd
aan de hand van anderen te eaan, en slechts door
O '
hunne oosten Ie zien.
Ik heb hierbij ook bewaarheid gevonden, dal wij
aan die dingen de meeste waarde hecblcu, waarvan
het verkrijgen ons de meeste moeite, inspanning en
opoflering kost. Ik reken mij gelukkig, dat ik deze
moeite aan geene onwaardige voorwerpen besleed
heb, en heb daardoor dan ook geleerd wezeidijke
kundigheden, overal, waar ik die onlmoelle, op
hoogen prijs le schatten, onverschillig of dezelve met
een [iraciilig kleed of met lompen bedekt waren.
Eene laatste opmerking, die ik u nog moet me-
dedeelen, is: dal armoede dikwijls het middel is om
voortreifelijke vermogens le ontwikkelen, die bij den
overvloed altijd zouden gesluimerd hebl)en. Het is
w\nar, dat armoede ons dikwijls de noodige hulp-
middelen weigert le onzer volmaking in kennis; maar
liet is niet minder waar, dat wij dit voorwendsel
dikwijls bezigen, om daarmede onze traagheid, na-
laligbeid of onverschilligheid te bedekken. Verstand
en rijkdom zijn niet onafscheidbaar vereenigd. Men
vindt zoo dikwijls het eersle zonder deu laatsie, en
den laalste zonder bet eerste. De edelste gave, die
de wezenlijke waarde van deu mensch uilmaakt, is