Boekgegevens
Titel: De arme Jakob: een leesboek voor de scholen.
Auteur: Anslijn, N.
Uitgave: Leyden: D. Noothoven van Goor, 1861
6e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 806
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200108
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm), Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De arme Jakob: een leesboek voor de scholen.
Vorige scan Volgende scanScanned page
79
HOB HET MIJ VERDBa ÖTBCtt tX MXJTNIi JBTTOD.
Met de grootste smart, verliet ik mijaen goedeo nieester om tot
een beroep terug te keeren , waartoe ik nooit eenige neiging gevoeld
had; doch de omstaodighedea raijner moeder maakten dit noodzake-
lijk , en ik onderwierp mij hieraan, in de overtuiging, dat alles
voorzeker ten meesten nutte voor mij zou uitvallen.
Spoedig had ik eenen baas, en verdiende aanvankelijk reeds zoo
veel, dat ik met overleg raij zeiven daardoor van kleederen kon voor-
zien. Dit strekte zeer ter aansporing en verdubbeling mijner vlijt;
en ik zou mij met genoegen naar mijoe nieuwe betrekkingen geschikt
hebben , indien de man , dien ik thans ter dienst moest staan, ia
goedheid mijnen vorigen meester geëvenaard had; doch dit was geheel
anders. Van eenen hebzuchtigen aard , vroes hij meer wat voordeel
aanbragt, dan wat billijk was. Van daar, dat hij er zich weinig om be-
kommerde, wat het een ander kostte om aan zijne eischen te voldoen.
Buiten deze hoogst schadelijke neiging, was hij anders geen onredelijk
mensch; en ik heb mij dikwijls verwonderd, hoe het mogelijk kon
zijn, dat iemand, om zijn eigenbelang te bevorderen, zoo geheel de
belangen van anderen kon verwaarloozen , ja zelfs aan de zijne op-
offeren. In mijnen vader had ik allijd het tegendeel bespeurd, en
daarom viel mij dergelijke behandeling zeer smartelijk. Intusschen
moest ik mij daaraan geduldig onderwerpen , en durfde niet eens
mijner moeder mijn leed klagen , utt vrees van daardoor hare smart
t« vermeerderen.
Hoe hard deze man handelde , wanneer dit hem eenig voordeel kon
aanbrengen, zal ik door een enkel voorbeeld staven.
Kens op eenen namiddag in de maand November , toen de avrnd
begon te vallen , en wij naar licht wachtten , zond hij mij uit ter
verrigting van eenige zaken, die juist geenen spoed vorderden, en
seide mij , dat ik hem tot iaat in den nacht zou moeten helpen om
het werk gereed te krijgen , dat hij des anderen daags wilde afleve-
ren. Ik toonde mij bereid, en maakte dus te meer spoed met de