Boekgegevens
Titel: De arme Jakob: een leesboek voor de scholen.
Auteur: Anslijn, N.
Uitgave: Leyden: D. Noothoven van Goor, 1861
6e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 806
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200108
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm), Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De arme Jakob: een leesboek voor de scholen.
Vorige scan Volgende scanScanned page
70
mij nieuwe krachten. Ik gevoel mij thans zeer ge-
lukkig. Mijne vlijt, door den Goddelijken zegen on-
dersteund, stelt mij in staal om rijkelijk in het
noodige van ons allen te voorzien, en dat geeft mij
een onuitsprekelijk genoegen. Er is een tijd geweest....
Mïjxe moeder. Dat wij mei rampen te worstelen
hadden, wilt gij zeggen. Maar wij waren toch niet
ongelukkig, want wij vergenoegden ons mei ons deel,
en dat is inniiers de grootste rijkdom?
Mijx VADER. Dat is zoo. Die dagen van kommer
zijn voorhij.'God heeft onze rampen doen ophouden. —
Hij schenkt ons thans hlijde dagen. Wij mogen die
genieten, echter zonder het vei'ledene te vergelen.
Mijne moeder. AVaartoe toch altijd die herinnering
aan het verledene? Kan u dat genoegen geven?
Mijn vadeiv. Ja , wanneer ik mijnen tegenwoordigen
staat met den vorigen vergelijk. Dil leert mij,
wat ik was, en wal ik nu hen, en geelt mij stof
lot dankhaarheid en blijdschap; maar het leert mij
ook wal ik worden kau. Wie verzekert ons, dal wij
altijd onzen tegenwoordigen voorspoed zullen genieten?
Laat ons nederig zijn, en van de wereld niets meer
verwachten dan zij kan geven. Alles is toch wissel-
vallig hier heneden.
Mu.ne moeder. Gij schijnt dezen avond in geene
vrolijke slennning te zijn.
MiJ-\ VADER. Ik hen niet treurig — en heh daartoe
ook geene reden. De ovenlenking echter, hoe ras hier
alles voorhij i^aat, heeft mij welligt in deze ernstige
stemming gehragt. Ik Aveet niet, hoe ik thans zoo
te moede kom.
Mijne moeder. Ach! laai u door geene angstvallige
zorgen vermeesteren! Gods voorzienigheid gaal over
alles. Onze Ilemelsche Vader weet, wat wij noodig
hebben, en dit zij ons genoeg. Voor- of tegenspoed,
wij zidlen ons gelaten aan Zijnen wil onderwerpen.