Boekgegevens
Titel: De arme Jakob: een leesboek voor de scholen.
Auteur: Anslijn, N.
Uitgave: Leyden: D. Noothoven van Goor, 1861
6e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 806
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200108
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm), Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De arme Jakob: een leesboek voor de scholen.
Vorige scan Volgende scanScanned page
U)
Naauwelijks had mijne moeder dit gezegd, of er
werd aan de deur geklopt. jMijn vader deed open.
Een heer trad l>innen, groelle mijnen vader, cn kwam
zonder verdere uilnoodiging in het vertrek, waar wij
zalen. Mijne ouders stonden verlegen, en wisten niet
Avat /ij vau dit hezoek moesten denken, temeer, daar
het flaauvve licht vau de lamp mijnen vader niet
spoedig genoeg veroorloofde dien heer le herkennen.
Na eenige oogenhlikken zwijgeus, zeide de heer:
Baas! ik wenschle, dat gij mij eens de maat van
een paar schoenen naamt!
Mijn vaüer. Gaarne, Mijnheer! liet spijt my, dat
Mijnheer zich zoo veel moeite geeft, en dat in zulk
ongunstig weder: ik was wel hij Mijnheer gekomen.
j)K IIerr. O, laat u dat ïiiet spijten, haas! Ik
nu)esl juist uwe woning voorhij, en meende u dus
den weg te kunnen uilwinnen. Een ambachtsman heeft
buitendien zijnen lijd wel noodig.
Mu> VAOER. Dat is wel waar. Mijnheer! maar het
is toch al le vriendelijk.
Mij.ne moeder. Zal Mijnheer niet gaan zilten? {zij
bood den heer een stoel aan.)
De heer. Ja, een oogenblik, zoo lang uw^ man de
maal neemt. Zijl gij gereed, haas?
MïJX VADER. {Die intusschen veel moeite had om. in
donker hel noodige gereedschap bijeen te zoeken.) Ja.,
Mijn heer I
De heer. Moedertje! kan uw man wel zien?
Mijne moeder. {^Die de lamp een iveinig voorover
hield en de pit uithaalde.) Ja, Mijnheer! mijn man
kan wel zien; hij weet ten minsie wel, waar zijn
gereedschap ligt.
Toen mijn vader de maat genomen had, en de
noodige hestelling gemaakt was, bleef de heer nog
zitten, en vraagde: »hoe gaat het thans met den ar-
beid, baas?"