Boekgegevens
Titel: De arme Jakob: een leesboek voor de scholen.
Auteur: Anslijn, N.
Uitgave: Leyden: D. Noothoven van Goor, 1861
6e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 806
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200108
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm), Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De arme Jakob: een leesboek voor de scholen.
Vorige scan Volgende scanScanned page
oin dit voornemen uit Ie voeren , en daanloor mijn
ge\ve(eu gerust te stellen, dat mij, luj zulke liande-
iingen, gedurig de billerste verwijten deed. Eu hoe
ging liet dan? INaauwelijks was ik in het hezit van
het verlangde zakgeld, oi' het was als tevoren. Mijn
snoeplust overwon mijnen goeden wil, en naberouw
was het loon voor mijne verkeerdheden.
Deze wensch voorzekf^r is te verschoonen, omdat
ik daarmede het oogmerk verlsond om mij verstan-
diger te gedragen: doch ik koesterde dikwijls andere
wenschen. Menigniaal w^ensciitc ik reeds volwassen
te zijn, enkel, omdat ik mij verbeeldde dan onafhan-
kelijk te zullen wezeii. Welk eene dwaasheid! Als ik
groot hen, — dacht ik, — dan behoef ik mijnen ou-
ders niet meer te gehoorzamen, dan doe ik, wat ik
wil, dan koop ik, wat ik wil — dan zal ik eerst
een gelukkig leven leiden. Thans heeft de ondervin-
ding mij het ongerijuide van zulke wenschen doen
inzien. Onafhankelijk Ie zijn, zonder zich zeiven te
kunnen hestiu'en; vrij over eenig eigendom te mo-
gen heschikken, zonder het geitruik daarvan te ken-
nen, noch zijne begeerten te kunnen matigen: hoe
ongelukkig zoude ik mij gemaakt heiihen, indien
zulke w^enschen eens verhoord waren. Gelukkig is
het, dat wij in de hand zijn van eene alwijze Voor-
zienigheid. Dat men, om onafhankelijk zich zeiven
te kunnen verzorgen, veel verstand en vlijt noodig
heeft — daaraan dacht ik niet, en vergat ook, dat
hij, die de zaak wil, ook de middelen moet willen.
Had ik dit laatste begrepen, dan zou ik den tijd,
om mij te bekwamen, ook heler liesteed hehbei;i. Wat
verder die zoo gewenschte onafhankelijkheid betreft —
spoedig heb ik geleerd, dat elk mensch in zijne be-
trekking, van anderen afhangt, en ook van anderen
moet afhangen, omdat de zamenleving dit vordert,
en de een de hulp van den ander noodig heeft. Ei-