Boekgegevens
Titel: De arme Jakob: een leesboek voor de scholen.
Auteur: Anslijn, N.
Uitgave: Leyden: D. Noothoven van Goor, 1861
6e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 806
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200108
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm), Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De arme Jakob: een leesboek voor de scholen.
Vorige scan Volgende scanScanned page
96
worden , dat ik daarvan niet zon kunnen afwijken , hoe zeer mijne
tegenwoordige onistandigliedun voor mijn bestaan de spaarzaamheid
minder vorderen. Ik geniet door deze gewoonte het voorregt, dat ik
in denzelfden tijd veel meer kan verrigten dan andereu. Dit kan ik
niet daaraan toeschrijven , dat mijne verrigtingen mij vlugger van de
hand gaan ; maar wel aan een gepast gebruik van den tijd. Elk
oogenbh'k is mij dierbaar , en het is nooit mijne gewoonte om , als
ik een kwartier of een half uur over heb, zooals vele anderen, te
zeggen; »0, het is nu de mueite niet waardig.'* Wanneer ik, —
dacht ik — deze stelling volg, cn dagelijks slechts een half uur, als
niet der moeite waardig, wegwerp, dan verlies ik toch drie uren in
eene week, wanneer ik den Zondag niet medetel, cn dat maakt in
een Jaar dc so.qi van 156 uren. Wanneer ik nu den tQd , dien ik aan
den arbeid besteed, slechts op twaalf uren daags reken, cn de som
van 156 uren door 12 deel , dan krijg ik 13 dageii tot uitkomst; dit
is 's jaarlijks een niet weinig beteekenend verlies, en een tijd, waarin
nog al iets van eenig belaug kan verrigt worden.
ORDE EN ZINDELIJKHEID,
Werd ik door armoede gedrongen spaarzaam fe zijn
met den lijd, de iveinige middelen, die mij Ier dienste
stonden, maakten ook, dat ik deze deugd ten aanzien
mijner kleederen niel uil hel oog kon verliezen. Hel
verkrijgen van. eenig nieuw kleedingstuk kostte veel
tijds en arheids, eu daardoor had het in mijn oog dan
ook eene onberekenbare waarde. Mijne kleederen ver-
schaften mij dubbele zorg: vooreerst hel bekomen, en
ten andere hel besparen derzelve. Tol dit laalste wer^
den vooral orde en zindelijkheid vereischt, en zoo
maakte ik mij deze goede hoedanigheden tevens eigen.
Zonder deze heide, kan er geene spaarzaamheid beslaan.
Nimmer droeg ik in huis of onder den arbeid mijne