Boekgegevens
Titel: Leesboek voor de tweede klasse, ter dienste der scholen
Auteur: Anslijn, N.
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1850
19e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 837
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200105
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Leermiddelen (vorm), Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leesboek voor de tweede klasse, ter dienste der scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
'iO
dewijl de arbeid in den 'tuin onder zijne geliefd-
ste uitspanningen behoorde — zelfs liet z^n vader
dit gedeelte door eene heining van het overige
des tuins afzonderen. Dagelijks bragt hij zijne
uren van uitspanning in zijn tuintje door; gaf op
alles naauwkeurig acht; zuiverde den grond van
onkruid en de boomen van schadelijke insekten,
en bekwam hierdoor zulk een fraai tuintje, als
er ergens te vinden was. Maar hoe kort duurde
zijne vreugde! — Eene hen kwam, bij gelegen-
heid dat hij de deur opengelaten had, in den
tuin, krabde alles op, en bedierf zoo zijne
schoonste planten, die hij pas gezet had. . Karei
kwam, maar hoe ontstelde hij bij het beschouwen
dier verwoesting, welke de hen niet alleen aan-
gerigt had, maar ook nog werkelijk aanrigtte.
Wacht, boosaardig dier! zeide hij, dit zult gij
met den dood bekoopen. Hij nam eenen dikken
stok, sloot de deur achter zich toe, en vervolgde
toen de hen zoo lang, tot zij er het leven bij
inschoot. Had hij het toen gewonnen? In zgne
blinde drift had hij niets ontzien, maar zelf in
weinige oogenblikken meer verwoest en vertreden,
dan een dozijn hennen in eene geheele week zou-
den ksnnen doen. Toen hij weder eenigzins be-
daard was, zag hij met de grootste droefheid,
wat er van zijn geliefkoosd tuintje geworden
was — die booze hen! — En hetgeen zijn lij-
den nog meer verzwaarde, was, dat zijn vader
hem over dit ongeluk gevoelig kastijdde, naardien
het, zoo als hij zeide. Kareis eigen schuld was.
Waardoor zou Karei aanleiding tot dit onheil
gegeven hebben? — De hen had immers de tuin-
deur open gedaan?
Waardoor kunhen "»ij ons voor vele schade hoeden ?