Boekgegevens
Titel: De natuurverschijnselen,: een leesboek voor de jeugd.
Auteur: Anslijn, P.D.
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon, 1837
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 862
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200101
Onderwerp: Aardwetenschappen: meteorologie: algemeen
Trefwoord: Meteorologie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De natuurverschijnselen,: een leesboek voor de jeugd.
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 83 ) '
In zillkc streken, waar de luchtstroom door
niets afgebroken of verhinderd wordt, is de wind
altijd horizontaal, en dit heeft inzonderheid plaats
in de hoogere luchtgewesten, in uitgestrekte
vlakke streken, enz.
In bergachtige streken, neemt de wind dik-
wijls eene golvende rigting; somtijds beweegt de
wind zich als om een middelpunt, cn heeft dan
eene cirkelvormige rigting. Zulke winden, noemt
men wervelwinden, ook wel dwarlwinden, en
daartoe behooren de hoozen.
De winden volgen niet lang dezelfde rigting,
en strekken zich ook zelden eenige mijlen in
de breedte uit. Andere daarentegen, die uit de
veranderingen der jaargetijden ontstaan, en zich
naar de beweging der aarde rigtcii, zijn aan-
houdender, en waaijen somtijds zeer lang uit
dezelfde streek. Men verdeelt daarom den wind
weclcr in regelmatigen of bestendigen, en in ver-
anderlijken of onbestendigen.
De regelmatige winden komen oenen geruimen
tijd uit dezelfde streek, en verwisselen regelmatig
in het eene jaar even als in het andere. Men
geeft aan zulke winden daarom den algemeeneu
naam van periodieke winden.
De periodieke winden, onderscheidt men weder
in passaatwinden of bestendige oosten - winden
tussehen de keerkringen, en in tnoussous, die in
Ooslindië altijd zes maanden uit dezelfde streek
waaijen, en de andere zes maanden van het jaar
de omgekeerde rigting volgen. Verder in land- cn
zeewinden , in heete lauden nal)ij de zee. De
zeewind begint des morgens ten tien ure naar
F 2 het