Boekgegevens
Titel: De natuurverschijnselen,: een leesboek voor de jeugd.
Auteur: Anslijn, P.D.
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon, 1837
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 862
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200101
Onderwerp: Aardwetenschappen: meteorologie: algemeen
Trefwoord: Meteorologie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De natuurverschijnselen,: een leesboek voor de jeugd.
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 27 ) '
xler noonlcrlichlcii is zeer \erscliiilend, sommigen
houden eenige uren aan, en anderen verspreiden
hun licht gedurende den gehcelen nacht.
Moeijeiijk is het, zich van dit verheven natuur-
vei-schijnsel een eenigzins duidelijk denkbeeld te
vormen, waarom wij de eigen woorden van den
Hoogleeraar dorpat bezigen, die, den 22. Octo-
ber des jaars 1804, ooggetuige van een merk-
waardig noorderlicht was, terwijl men daarbij
dan tevens in aanmerking moet nemen, dat in.
noordelijker streken dit natuurverschijnsel zich nog:
grootscher vertoont.
» Des avonds tusschen 6 en 7 ure, liet mij
onze ijverige sterrekundige, Professor kkorre ver-
wittigen, dat de hemel zich tot een noorderlicht
voorbereidde. Inderdaad, bemerkte ik tegen 7
ure, in het noord - noord - oosten, eenige flaauwe
lichtstrepen, welke uit den horizont schenen te
komen,
en zich tot digt in het toppunt te ver-
heffen. I)eze lichtstrepen kwamen in verschillen-
de tijdruimten, van 5 tot 15 minuten, en na-
men in sterkte toe. In den aanvang, vernam ik
geen gedruisch, maar allengs hoorde ik een
knapjtend geraas bij elke lichtstreep. Dit geraas
veranderde van tijd tot tijd in een sterk ratelen
en ruischen, dat eenigermate overeenkwam met
het ratelen van taf, hetwelk men scheurt, of
liever met het geruisch van eene sterk door den
winu voortgeblazen vlam bij eenen brand.
Dit geruisch duurde telkens niet langer dan
het opstijgen van het licht. Ka elke'zoodanige
<)])slijging, werd geruisch noch licht waargeno-
men. Lij het uilbreideii van het verschijnsel,
vorm-