Boekgegevens
Titel: Natuur- en aardrijkskundige mengelingen, ter bevordering van algemeene kundigheden: ter dienste der scholen
Deel: 2e stukje
Auteur: Anslijn, N.
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1854
5e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 864
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200094
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Natuur- en aardrijkskundige mengelingen, ter bevordering van algemeene kundigheden: ter dienste der scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
62
in de rondte door bergen ingesloten is, zonder voor
de stroomen eenen doortogt gelaten te hebben. Ver-
loren dergelijke wateren op zulke plaatsen zich niet
in den grond, dan zou welras het dal in een meer
herschapen zijn-
Somtijds verdwijnen rivieren slechts voor eenen tijd.
Dit was het geval met de rivier Del Norte in Nieuw~
Mexico in Amerika — een stroom, die even zoo
toe- en afnéemt als de Orinoko^ In het jaar 1752
verdween zij eensklaps, en de bewoners dier plaats
bemerkten, dat het bed dezer rivier 20 mijlen boven
deze plaats geheel droog was, en dat zij 20 mijlen
lager weder te voorschijn kwam. Dit verschijnsel
bragt de bewoners in gr(x>te verlegenlieid, en ver-
oorzaakte een groot gebrek aan water. Na verloop
van eenige weken, hernam de vloed zijnen oujen
weg.
UEREK.
De oorsprong der meren is buiten twijfel aan eenen
niet genoegzamen afloop der rivieren toe te schrijven,
zoo als dit onder anderen in Brandenburg ^ Pruissen
en Rusland duidelijk te bespeuren is.
Het zoude ons te lang ophouden, Avanneer wij al-
leen de belangrijkste meren wilden optellen; wij zullen
ons derhalve slechts tot eenige merkwaardigheden ba-
palen. Wij kunnen echter niet nalaten, ter loops te
doen opmerken, dat, uit ligt te beseffen oorzaken,
de diepste meren in Europa juist daar gevonden wor*
den, waar men het hoogste gebergte heeft — en dus
ia Zwitserland^ Hier heeft men meren, die eene
diepte van 600, 900 , 1200, ja zelfs 2000 voet heb-
ben, welke laatste diepte aan het Meer ifan Corv-
stanz wordt toegekend. Deze meren zijn voor Ttwit*
Irland hoogst weldadig, want welk eene verwoesting
zoude het afstr<»omende water, bij liet smelten /d^y
sneeuw of bij geweldige regenvloeden, in het lagei
gelegene land niet veroorzaken, indien er niet zulk«
ontzaggelijke vergrtderbakken bestonden, oni het over"