Boekgegevens
Titel: Natuur- en aardrijkskundige mengelingen, ter bevordering van algemeene kundigheden: ter dienste der scholen
Deel: 2e stukje
Auteur: Anslijn, N.
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1854
5e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 864
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200094
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Natuur- en aardrijkskundige mengelingen, ter bevordering van algemeene kundigheden: ter dienste der scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
41
er van neder, doch als het weder warmer wordt,
begint het overal in dit hol sterk te vriezen.
Het andere hol is bij Rib ar, in Opper-Hongarije.
Dit hol is aanmerkelijk wegens de schadelijke, ja doo-
delijke uitwasemingen, die het voorbrengt. Het heeft
de gedaante van eenen trechter, en het is uit het
naauwe gat, hetwelk in den bodem is, dat die scha-
delijke uitwasemingen'opstijgen. Men hoort het geruisch
van het stroomende water, dat onder de qpéning heen
loopt, en zoo het schijnt zwavelachtige dampen op-
geeft, dan eens. opborrelende, dan weder in rust zijn-
de. Het water, zelf is helder, van eenen zwavelach-
tigen reuk, zuurachtig en scherp van smaak, doch
niet schadelijk voor 'smenkhen gezondheid, schoon
de dieren, en ook de menschen, die deze schadelijke
uitwaseming inademen, spoedig van het leven beroofd
worden. Niet altijd is de uitwerking van deze doo-
delijke eigenschap even hevig; somtijds werkt zij lang-
zamer, somtijds schijnt zij geheel verdwenen.
In Engeland.
In Engeland zijn ook verscheidene holen, die we-
gens hunne bijzonderheden berucht zijn. Bij Castleton
in Derbyshire is een hol, dat bijna 2300 voet onder
de aarde voortgaat.
Wij traden — zegt een reiziger — in het eerste voor-
hof, dat door den invallenden dag genoegzaam ver-
licht werd. Deze ruimte was 42 voet hoog en 120
voet breed. Een lijndraaijer en een twijner waren hier
met hunnen arbeid bezig. Twee huizen, door onder-
scheidene gezinnen bewoond , staan tegen over elkan-
der, en zijn van vensters en schoorsteenen voor-
zien. — Men ring verder. De eerste gang was 450 voet
lang. Ten einde van dezen gang, kwam men aan een
klein meer, dat 48 voet breed was, aan welks oever